|

Durven is een eerlijk woord,
Als
je durft zoals het hoort
Maar als iemand je wat vraagt,
Wat
de naam van lafheid draagt.
Zeg dan ...wat er ook geschied,
Flink
en vrij .
Dat durf ik niet .
(met dank aan
Elly Hanssen)
|

Wees rein als de bloemen der lente ,
want schoon is het beeld uwer jeugd .
Het mooiste wat een meisje doet
sieren,
is eenvoud ,reinheid ,en deugd .
(met dank aan
Elly Hanssen)
|
|

Begin de dag met een dansje
Begin de dag met een dans
Wie vrolijk kijkt in de morgen
Die lacht er de hele dag
(met dank aan
Anny Venema)
|

Strooi vandaag een enk'len bloem
Op uw naasten pad
Strijk hem van 't bezorgd gelaat
Enk'le rimp'len glad
Laat een woord van liefde horen
En uw dag is niet verloren
(met dank aan
Anne Nettelsheim)
|
|

Ik wens wat U uzelve wenst,
En dat is zeker goed !
Want niemand die op aard verlangt
Naar ramp of tegenspoed.
Maar wens je nu dat geluk u zij,
Dan wens ik je oh meisjelief,
Tevredenheid erbij.
(met dank aan
Hetty Veerman)
|

Een hondje heeft een snuffelneus
Een haas heeft lange oren
Een mol graaft gangen in de grond
Een kraai woont in een toren
Een diertje weet niet wat het doet
Maar jij weet hoe je leven moet
Als Christen-meisje lief en goed
Mag ik dat van je horen?
(met dank aan
Lisette Konings)
|
|

Er loopt een olifantje op het
witte strand
Hij wast zijn pootjes in het
witte zand
Houdt, lieve Marlein, je hartje
zo rein
Als de pootjes van het olifantje
zijn
(met dank aan
Marlein Verhoeven)
|

Wees rein als de bloemen der lente,
Hun pracht is het beeld onzer tijd,
Maar de pracht dat een meisje kan
sieren
Is eenvoud, zachtheid en vlijt.
(met dank aan
Hetty Veerman)
|
|

Langs de sloot of waterkant
Waar men zelden bloemen plant
Waar men zelden bloemen ziet
Bloeit de bloem ’’Vergeet Mij
Niet’’
(met dank aan
Han de Leeuw)
|

Ik
ken een aardig meisje
Wil
je haar graag zien
Kijk dan in de spiegel
Dan
zie je haar misschien
(met dank aan
Lia)
|
|

Wees vlug en flink bij ’t werk lief
kind,
’t Is half gedaan wat goed begint
Ge kent toch ’t oude spreekwoord wel
Wat men flink aan pakt wordt maar
spel,
Wie tot zijn doel geraken wil
Staat nooit al halverwege stil
En laat wat heden dient gedaan
Toch nimmer traag tot morgen staan.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Wees tevree met kleine dingen,
met de kleine bloem die bloeit
met de vogeltjes die zingen
en het vlindertje dat stoeit
met de heldere regen droppen
en de warme zonneschijn
wees tevree met kleine dingen
en je zult gelukkig zijn
(met dank aan
mevr. Noot)
|
|

Zie toe van wie je spreekt en hoe
En waar en in wat voor zin
Het woord is ras de lippen uit
En het komt er nooit weer in !!
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Heb je moeder lief
Zij is je grootste schat
Met al je rijkdom was je arm
Als je geen moeder had
Er leeft geen sterveling die het weet
Wat smart en wee een moeder leed
En ach, geen mens geloof me vrij
Heeft je zoo innig lief als zij.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Durven is een heerlijk woord
Als je durft zoals ‘t behoord
Weet je wat je durven moet?
Al wat flink is, mooi en goed
Maar zo iemand je iets vraagt
Wat de naam van laagheid draagt
Zeg dan wat er ook geschied
Flink en vrij, dat durf ik niet.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Ben je ver van huis mijn kind
En je zoekt in donkere nacht
Naar een haven om te rusten
Weet dat thuis je bedje wacht
Twee paar handen om te groeten
En twee stemmen die verblijd
Om jou thuis komst zullen roepen
Welkom, welkom lieve meid
Altijd zijn er open armen
Waar je rust en warmte vindt
Wat er ook gebeurt in ’t leven
Thuis blijft steeds jouw haven kind.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Blijf volharden in je streven;
Wandel zonder omzien voort;
Laat de moed je nooit begeven,
Voorwaarts ! Zij je levens woord.
Wisseling staat elk te wachten,
Niets blijft ons bestendig bij;
Wil haar, die bij ’t plichtsbetrachten
Met zijn lot tevreden zijn,
Roem en rijkdom, macht en eere
Brengen ’t waar geluk niet aan
Daarom hoe het lot ook zeine
Sterk in God, je plicht gedaan.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Dat steeds voor uwen voeten
Het zachte roosje bloeit
Dat nooit op uwe weg
Een enkel distel groeit
Ga zo blijmoedig voort
Door ’s werelds woestenij
En zo ik ’t waardig ben
Denk dan nog eens aan mij.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Heel je leven niks dan vreugden
In dit aardsche tranendal.
Niemand die er op kan beugen,
Niemand, die ’t ooit zeggen zal.
Echter voor en na een sterre,
Schitterend op je levensbaan.
Teeken, dat de hoop van verre.
En steeds voor je aan mag gaan,
Leent je kracht om voort te gaan
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
Een meisje rein en lief en
zacht
Als het altijd in je ogen lacht
Dan wil graag ieder groot en
klein
Met jou bevriend en bij je
zijn.
(met
dank aan E. v.d. Kroonenberg)
|
|

Nu nog zijt ge een roze knopje
Spoedig wordt ge een roos gelijk.
Blijf als ’t roosje steeds een
sieraad ,
In uw kring aan deugden rijk.
Blijf ook nederig als ’t
viooltje.
Nederigheid is steeds een deugd.
Dan zult gij gelijk een bloem
zijn,
Die het hart van elk verheugd.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Nog zijt gij heden jong en blij,
En kent het leven niet;
Gij denkt nog aan geen lot noch
tijd
Noch wat de toekomst biedt.
Leef blij in uw vriendinnenrij,
En smaak de jonkheidsvreugd:
De blijheid, die ’t onschuldig
hart.
Met blijden zin verheugd.
Nu vraag gij mij een albumblad,
Tot een gedachtenis;
Ach Hindertje, k heb maar eene
beê,
Bewaar uw hart, in wel en wee
Zoo rein als ’t nu nog is.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Weinig letters heb ik nodig,
Om U mijnen wensch te bien.
Meer dan vijf zijn overbodig.
Dit zal ik U laten zien,
‘t Kleine woord geluk alleen,
Is het eenigst wat ik meen.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Ik wensch je een blijmoedig hart,
En altijd blijden geest.
Een leven zonder leed of smart.
Een toekomst onbevreesd.
En lijkt het lot je soms wat
zwaar,
Denk daarom aan geen groot
gevaar.
Na droefheid komt weer zegen,
Weer zonneschijn na regen.
Strooi op je pad de schoonste
bloemen.
De schoonste die je oog slechts
ziet,
Maar strooi dan onder al die
bloemen,
Voor mij slechts èèn ,,Vergeet-mij-niet"
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Waar liefde woont in huis en
harten
Daar is het leven altijd schoon.
Daar houdt ondank zorg en
smarten.
Doet zegen steeds den boven toon.
Wees verder deugzaam kind.
Gehoorzaam uw meester en ouders.
En nog zoo velen meer,
Ga braaf ter school en leer,
Want zoo geraakt een kind
Tot waar geluk en eer.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Weet gij hoeveel lieve kinderen,
Blij ontwaken elke dag?
Die de Morgenster begroeten,
Met een vriendelijke lach.
Maar God die het geschapen mint
Weet ook dat ik u liefheb kind.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Spelen is heel prettig
Leren wel eens naar
Mooi en lelijk krijg je
Altijd door elkaar
Als je je maar flink houd
Ook bij narigheid
Wordt jij vast geen sukkel
Maar een ferme meid
(met dank aan
Kitty Los)
|

Ik lag in een tuintje en sliep
Toen kwam er een engel en riep;
Elsje wil je ontwaken,
Om voor Mieke een ruiker te maken.
Wit wordt watje Elsje is een schatje
(met dank aan
Dory Willemsen)
|
|

Even in je album schrijven...?
Kind, ik heb een goede raad.
Zorg dat je de weg van 't leven
in de goede richting gaat.
Achter je : je eigen schaduw
en de zon in je gezicht !
Wie zijn schaduw vóór zich uit ziet'
keert de rug naar al het licht !
(met dank aan
Patricia Boshuis)
|

Strooi op je pad de schoonste
rozen,
De
schoonste die je ook maar ziet,
Maar
strooi dan tussen al die bloemen,
Voor mij ook een vergeet mij niet.
(met dank aan
mevr. L. Veldkamp)
|
|

Ik lag in mijn tuintje en sliep.
Toen kwam er een engel die riep:
Marry wil je ontwaken, om voor .......
een versje te maken.
(met dank aan
Marry Timmer)
|

Als je later een dametje bent,
met opgestoken krulletjes
en allerlei mooie spulletjes.
Met hooggehakte schoentjes
en hoedjes met pompoentjes.
Japonnetjes van zij,
och denk dan nog eens aan mij.
(met dank aan
Marry Timmer)
|
|

Gij vraagt mij of ik op dit blad
Een mooie vers wil schenken,
Omdat ge bij het zien daarvan
Aan mij zoudt kunnen denken,
'k Vervul je wens zoals je ziet
Maar gaarne zou ik weten,
Of gij ook zonder verzen boek
Aan mij zoudt kunnen denken !
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Als engeltjes vloeken
Als varkentjes bidden
Als honden en katten elkander
beminnen
Als er een steen drijft op de Rijn
Dan pas zal onze vriendschap ten einde
zijn.
(met dank aan
Theo Nijland)
|
|

Een lief en teder roosje
Leg ik in uw album neer
Ik weet gij bemint hem
Die bloem zo rein en teer
Ik wil die roos u schenken
En nog de wens er bij
Leef vrolijk en tevreden
En denk nog vaak aan mij.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Ik zou je willen wensen
Blijf als een spiegel rein,
En vang de warme stralen
Van 's levens zonneschijn
Geef dan aan je omgeving
Iets van die milde gloed
Een mens die zo kan leven
Doet in de wereld goed.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|
|

Blijmoedig, voorspoedig
Bemint door elkeen
Zoo vliede je leven
Langs effene wegen
Steeds vrolijk daar heen.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|

Bij alles wat het leven biedt
Heb daarbij steeds het minst verdriet
Een vrolijk hart, en blijde zin
En dan vooruit de wereld in.
(met dank aan
Alberta T. van Dijk-Imminga)
|