|
|
|
Zij
zat weer eens met haar wijze, grijze hoofd te schudden. Dat
deed zij altijd zo, dat was gewoon haar aard. Zij
hield niet zo van gebaren, zeg maar veel woorden. Zat
altijd rustig wat te schudden, heel kalmpjes en bedaard. En
allen die haar kennen houden haar dan ook terdege in de gaten. Want
bij schudden hoort gezichten trekken en dat heet lichaamstaal. Let
op het optrekken der schouders en het fronsen van het voorhoofd. Dat
schuddende, verbaasd gelaat, ja zij beheerst het allemaal. Ik
heb hier dan ook wel heel erg aan moeten wennen. Want
het is niet zo eenvoudig als je totaal niets hoort. Maar
leer je eenmaal kijken, gaat het boek pas open. Toch,
voor de buitenstaander oogt het wat gestoord. Ja,
dan in bed is ook niet alles zo eenvoudig. Wat
wil je weten, doe dan het licht maar aan. Nu
ik wat ouder word zal het mij een rotzorg wezen. Behoudens
deze kleinigheid is het altijd goed gegaan. Nu
ben ik al een tijdje aan de bril, want ik kon haar niet goed horen. Ik
bedoel dan eigenlijk dat ik haar niet helemaal zo scherp meer zag. Voor
de communicatie is dat onmisbaar om misverstanden te voorkomen. Nu
hoor ik alles toch weer goed, zij schudt van ja nu met een blijde lach. Zo
zie je maar weer dat met een beetje goede wil. Er
voor de meeste problemen wel een oplossing is. Maar
alleen de stakker die totaal geen fantasie heeft. Ervaart
een partner die niet praat, beslist als een gemis. Pika Ik
wil het nu toch
wel bekennen, ik ben gewoon een bietser. Een
doodgewone ordinaire bietser om het dagelijks brood. En
dat ik nog steeds biets heeft niets van doen met armoe. Maar
is gewoon geboren in een tijd van echte nood. Je
moet weten ik ben nog van het oude stempel. Zo
een zeg van voor de oorlog uit de crisistijd. Nu
waren dat de dagelijkse zorgen van mijn ouders. Maar
ondanks al die narigheid bemerk ik niets van spijt. En
in die vreselijke tijd werden er toch nog kindertjes geboren. Dat
hoorde gewoon zo, tenminste dat vond de kerk van toen. En
aangezien mijn ouders braaf en deugdzaam
waren. Gebeurde
dat dan ook en dat gaf blijk van goed fatsoen. En
bij het komen van het eerste tandje moest het broodje leren eten. Als
het er al was, maar dan in melk gesopt, de korstjes wel er af. En
ik kreeg als oudste dan die korstjes met daarop een likje boter. En
lekker dat het was, en ook de kapjes was beslist geen straf. Toen
later alles en ook de melk, de korstjes en de kapjes zijn verdwenen. Gewoon
zo op is op er kwam niets meer, en op is als er niets meer is. Ik
heb dan ook het laatste deel van die oorlog aan dat heerlijks liggen denken. Ik
krijg het niet meer uit mijn hoofd en ervaar het als toch wel een groot gemis. Nu
zijn er van die kapjes, korstjes volgen Zweeds recept te kopen. Het
lijkt er op en daarom raad ik het dan ook een ieder aan. Maar
het allerlekkerste, je mag raden, het laat zich denken. Is
het om gewoon, na de middag, even naar de supermarkt toe gaan. Je
moet er iets voor over hebben om weer in het verleden te gaan leven. Je
zoekt zo’n supermarkt die nog brood bakt en het even voor je snijdt. En
dan komt deze bietser met zijn verhaal van beestjes en konijnen. En
eenmaal thuis gekomen herleeft dan weer iets van die oude tijd. Ben
ik nu enig, zeg uniek, ben ik soms voer voor psychologen? Wel
nee! Ik doe niemand kwaad, ik biets alleen gewoon. Zo
is er nog zoveel waarover ik mij ook nog zo vaak
verwonder. Maar
met mijn eigen dierenleed verhaal val ik niet eens zo uit de toon. Pika Ik
heb toch eigenlijk wel een hele vreemde tic. Het
is eigenlijk zo, dat ik zo dolveel houd van planten. Niet
van die mooie goed heel goed florerende exemplaren. Maar
als het stakkers, van die zielebutters zijn weet ik van wanten. Krijg
ik van iemand eens een
hele mooie plant cadeau. Ben
ik toch gerust wel dankbaar voor dat grootse gebaar. Maar
juist hele mooie, goede gave planten kunnen sterven. Ik
onderken zoiets en zie dan ook overduidelijk het gevaar. Maar
als iemand dan eens een half dode plant gaat dumpen. En
ik vind de stakker dan bijvoorbeeld in het vuilnisvat. Dan
heeft de stakker toch wel honderd procent mijn aandacht. Ik
opereer bekwaam en geef verse grond transfusie aan zo’n schat. En
op mijn dagelijkse ronde spreek ik hem dan moed in. Ik
zorg dan dat het hem ook maar aan niets ontbreekt. En
fleurt hij dan op en wordt weer flink en presentabel. Dan
ben ik zo gelukkig want dit heb ik toch zelf gekweekt. Helemaal
het einde is het als hij, gestekt voor nageslacht kan zorgen. Ik
zie hoe dan de kleintjes groeien, bloeien en steeds maar mooier zijn. En
mocht er onverhoopt dan, hoe dan ook er wel eens eentje sterven. Heb
ik beslist een hele slechte dag, want zoiets doet mij erg veel pijn. Zoiets
gebeurd mij echter toch maar heel zelden. Soms
is het een gevolg van slordigheid of ongeluk. Wie
overleeft het als hij van vier hoog uit het raam valt ? Een
plant die valt van de vensterbank is ook helemaal stuk. Maar
de onderdelen kan ik dan zeker nog wel heel goed gebruiken. Want
van de stukken en de brokken fok ik toch weer iets aardigs op. En
als dan het resultaat daarvan uiteindelijk naar mijn zin is. Zie
ik het weer allemaal iets zonniger en niet zo meer als een strop. Vandaar
dat ik toch zo donders goed kan begrijpen. Dat
onderdelen bruikbaar zijn, bijvoorbeeld zeg een hart. Het
kan nog nuttig zijn, voortleven en nog een tijdje kloppen. Als
er dan toch nog iemand blij mee is verzacht dat wat de smart. Pika Twee
zwanen zwommen ietwat driftig rond in het koude water. Reikhalzend
leken zij uit te zien naar de komende lente temperatuur. Zij
reikten steeds weer met hun lange halzen spastisch naar de zon. En
als die dan al even scheen, was dat maar van hele korte duur. De
eenden, ganzen en al het andere water grut. Zagen
het gebeuren ”Wat sloven zij zich weer uit !” Doe
net als wij, maak er toch gewoon het beste van. Dat
langhals gedoe is wat ons tegen de waterborst stuit. Wij
dollen wat en gaan zo af en toe ook even lekker kopje onder. En
jagen ook alvast in groepsverband, frequent de vrouwtjes na. Dat
is heel prettig om te doen, het houdt ons ook nog
lekker warm. Zo
af en toe zegt er zelfs een ”Ik denk dat ik alvast maar broeden ga !” Er
komen nu steeds meer zwanen om te halzen rekken. Het
is dat ze zo groot zijn want anders joegen wij ze weg. Door
dat halzen rekken wordt het beslist geen uurtje eerder zomer. Het
staat zo sloom en oogt ook zo dom, het is zonde dat ik het zeg. Maar
met dat hele grote lijf en dat hele kleine koppie. Die
veel te lange slinger nek en veel te grote, platte bek. Zullen
zij wel nooit verstandig kunnen worden en gaan stoppen. Die
grote kuddes halzen rekkers, dat wordt gewoon te gek. Zij
passen beter tussen de lang nekken; de giraffen. Het
zou veel beter zijn als men ze daarheen verbannen kon. Zij
konden blij, naar hartelust allemaal gaan halzen rekken. En
de hele Godganse dag schijnt daar constant de
zon. Maar
net als al die mensen uit de vele warme landen. Die
hier gekomen zijn om te zitten rillen van de kou. Zij
halzen rekken niet maar blijven wel rustig zitten rillen. Terwijl
het daar veel prettiger en beter voor hen wezen zou. Maar
noch de mens noch dier laten zich immers meer sturen. Al
was het toch veel beter voor hun eigen goede, allerbeste wil. Maar
ik kan beter stoppen met
wat goed en best is uit te leggen. Dus
rek maar lekker hals, ik houd mij voortaan rustig, stil. Pika
Een mooie zomeravond, een veld vol
bloemenpracht. Een symfonie, insecten, en daarna werd het
nacht. En ergens op dat veldje, stonden stralend op
hun steel. Twee smoorverliefde bloempjes, zij wisten nog
niet veel. En weer een dagje later, streelden zij zacht
elkaar. Hij was echt niet zo’n prater, maar wel
smoorverliefd op haar. Zij moesten wel snel trouwen, bloemen leven
korter dan u dacht. Dus maar vlug een nestje bouwen en zorgen voor
een nageslacht. Ach, waaraan het heeft gelegen, is iets wat ik
ook niet weet. Maar seks bleef achterwege, wat hun toch echt
wel speet. Voor hen geen baby in het wiegje, wat was dat
nu toch kras. Dus spraken zij eens met een vliegje, die daar
de dokter was. Die had het al heel gauw bekeken, maakte hun
echt weer blij. Seks is eigenlijk niets voor leken, zoiets doe
je met een bij! En zo verliepen er vele dagen, en heel talrijk
werd hun kroost. Dus weer de dokter vragen, ach help ons,
schenk ons troost! Dit kan toch zo niet doorgaan, dit wordt toch
echt te dol. Wij zullen moeten stoppen, want het hele veld
staat vol. En de dokter adviseerde, al klinkt dat wat
raar en sloom. Je neemt gewoon die bijen, en stopt ze in een
condoom! Dat hebben zij gedaan toen, en zijn nog steeds
heel blij. Want nu is er voor hen allen, nog wat ruimte
in de wei! Pika In
een sombere wereld, Van
steen en beton. Ontluisterende
takken. En een schralige zon. Door
de tegenstelling voelbaar. Van
al wat net is geweest. Je
voelt je wat treurig. Zo
mineur
van geest! Maar
soms word je eens wakker. Je
weet dan gewoon niet wat je ziet. Dat
is subliem, net een sprookje. Je
gelooft het haast niet. Weg
is opeens al dat asfalt. Al
dat grauwe van voorheen. Netjes,
bedekt door een deken. Waar
’t zonnetje op scheen. En
dan, al die bomen. Van
het hele grote tot heel klein. Ragfijne
glinsterende kristallen. Een
weefwerk, zo nietig, zo fijn. Dat
zo vredige witte. Dat
zo heldere licht. Die
wervelende glinstering. Een
betoverend gezicht. En
weg is dan het treuren. Om
wat was toch voorbij. Dit
kun je echt onthouden. In
een nacht weer blij. Hoe
is het toch mogelijk. Zo
fijn, zulk een pracht. Niets
vergeten of overgeslagen. Dat
al in maar een nacht! Die
glitters en dat geknerpt. Zo
bedekt
en smorend geluid. Veel
te mooi om te blijven ook. Jammer,
het sprookje raakt uit. Straks
gaat het weer dooien. Dan
is het allemaal voorbij. Maar
ik heb wel genoten. Was
toch even weer blij. Pika
Leven Leven, is het levensboek in een heel lange
adem uitlezen. Het boek dat na twee hoofdstukken even moet
rusten. Mag een week later gelukkig weer worden verder
gelezen. Is geen leven! Wat echter niet mag verhelen dat elke run; Ook zijn adempauze nodig heeft. Dat een adempauze echter geen uren hoeft te
duren. Als je het echter letterlijk wilt nemen, En dat gaat ook zo met boeken. Daar komt het letterlijk op de letters aan. Boeken zijn letterlijk dode elementen. Houden! Belofte en beloven, ach ja! Je geeft een belofte toch zo makkelijk weg. De waarde ervan wordt echter bepaald, Of je het houdt of breekt! (Geven-Houden)(Houden-geven) Houdt altijd een gegeven belofte. Dat maakt je pas tot een waardevol mens! Als je dan toch iets weggeeft. Is het toch zeker wel zo leuk, Als het voor de ontvanger ook nog enige waarde
heeft. De
dag! Loop wat te stampen in het duister, of erger
nog, maak veel geweld. Je schreeuwt, of ben je soms in tranen,
donkerte blijft, zij is zo gesteld. Zo is het ook gesteld wanneer het licht is,
daarom noemt men dat ook de dag. Zij hebben iets van het tegengestelde, een dag
duurt echter ook een nacht! Wij dienen de nacht ook als zodanig te
aanvaarden. Geen zinloos kabaal of opflitsend licht. Want zie je de nacht alleen als donker. Dan mis je toch zijn waar gezicht. Nacht kun je immers horen, voelen. Soms ook ruiken, maar toch niet echt zien.! Probeer de nacht eerst eens te begrijpen. Het is ook de dag, het lukt? Misschien! Pika
Mijn
oma is achter de geraniums toch heel erg oud geworden. Maar
mijn moeder, die minder geraniums had werd niet zo oud. En
ik probeer nu als een gek het leven in de geraniums te houden. Dat
het toch eigenlijk wat ouderwets is laat mij Siberisch koud. Ik
ga niet stunten, nee zoiets doe ik voor geen prijs. Ik
werk er terdege aan om wel zeer oud te worden. Een
beetje stekken en mest en water geven dat lukt lang. Al
ben ik niet meer zo hups en snel, ik hoef niet over horden. En
ik reken ook op een gegoede oude dag. Want
ik spaar uit aan poeders en aan pillen. Ik
hoef beslist niet die heilzame preparaten. Alleen
mijn geraniums ik zou niets anders willen. Pika Vroeger
was de mens de God der mussen. Want
zij gaven hun het dagelijks brood. Zij
waren ook in die jaren met zeer vele. En
de mens die hun een onderkomen bood. Als
de tafel dan ook afgeruimd werd. Het
tafelkleed werd buiten netjes uitgeklopt. Zaten
er hele hordes in de dakgoot al te wachten. Eten
tot de laatste kruimel eerder werd er niet gestopt. En
net als staat geschreven met de joden in de bijbel. Heel
uitgebreid en ook zeer talrijk werd hun kroost. Het
was
ook vaak een herrie en een leven van jewelste. Je
vond ze echt wel overal, in noord en zuid in west en oost. Ik
mis ze met hun herrie en gekwetter. Zij
vrolijkte het straatbeeld immers op. Zat
het nu in de daken of misschien de pannen. Zomaar,
opeens kwam er een soort van stop. Waar
al die joden nu toch zijn gebleven. Dat
is toch wel zo ongeveer bij iedereen bekend. De
ouderen zullen ze nog uit het stadsbeeld missen. Helaas
het is er was eens dat weet ik pertinent. Er
staat geschreven over bloemen en de vogels. Zij
groeiden dan ook samen met de joden op. Nu
vechten beide om gewoon een eigen plekje. Hun
overleefnatuur zegt nu toch bijna stop. De
leliën in het veld en al die vogels ja ik mis ze vast en zeker. Is
het soms slecht beheer, de hebzucht, de vervuiling die het doet. En
ook die joden gaan aan geweld en hebzucht haast ten onder. Als
men niet snel tot inkeer komt dan komt het nooit meer goed. Pika
Kijk;
dit is nu de stoel waarin mijn vader altijd heeft gezeten En
hier de broek, de jas en uitrusting die hij dan altijd droeg Ja
ja, hij was altijd zeer vastberaden en ook heel zelfverzekerd Stond
altijd voor de mensheid klaar als men om zijn raad eens vroeg En
dit is opa, dat was ook
zo'n spijkerharde kerel Die
was echt voor den duvel zelve nog niet bang Hij
is dan ook een zeer pijnlijke heldendood gestorven Ja
hij die een strijder was leefde in die tijd niet zo lang Zie
ook hier de pijp, het scherpe zwaard versiert met ornamenten En
in de library kun je ook zijn zetel nog pontificaal zien staan Het
was een harde, nurkse man dat kun je nu wel zeggen Een
ding is echter zeker; je kon dan ook beslist van hem op aan Dit
was weer zijn vader, een geleerde, een echte onderzoeker Die
wis en zeker ook een zegen voor de mensheid is geweest Al
was het waarachtig ook beslist geen doetje of een dromer Hij
was een wetenschapper met een verlichte, grote geest Deze
in de galerie der helden bet over over grootvader in de rij Een
koopman in hart en nieren je weet wel zo eentje van stavast Hij
was een echte heer met veel majesteit, heerschappij en glorie Die
wel streng maar rechtvaardig was gedroeg zich heel gepast En
al die vrouwen wat moet ik daar nu wel van denken? Die
waren simpel vrouw en zorgden voor het nageslacht En
een daarvan ben ik ook uiteindelijk dan nog geworden Ja
dat zoiets toch mogelijk is, wie had dat ooit gedacht En
wat bent U dan, wat zijn voorwaar Uw heldendaden? Wel
ik beheer zowaar het hele landgoed met tuinen en kasteel Dat
is beslist een hele zware harde taak al heb ik mijn assistenten Want
al ben je ook nog zo'n sterke vent, alleen is het beslist te veel Ja
ik begrijp nu wel het is een hard bestaan vandaag de dag Om
nog een heer van stand te zijn, te blijven en te moeten wezen Gelukkig
maar dat U de moed en kracht van het voorgeslacht bezit Ik
koop van U zo'n boek waarin ik dit allemaal zal kunnen lezen Pika Staande
voor een eiland met daarop een flinke kolonie apen. Een
machtige, enigszins droevige, grote grijsrug is hier wel de baas. Laat
af en toe met veel vertoon en borst getrommel dat ook merken.
Als
hij bij ruzie tussen beide kom gaat dit gepaard met veel geraas. In
het besef dat een hele verre even ruig behaarde voorvader van mij. Tezamen
met de zijne in een veel groter bos en struiken heeft gezocht. Naar
voedsel, hun veilige nesten hebben gebouwd hoog in de bomen. En
nu tot ons vermaak nog in bomen klimmen, eten wat wij hebben gekocht. Eens
elkaar vergezellend en steunend op soms hele lange tochten. Dit
bedenkend zou ik hem ook nu de hand moeten geven al ben ik bang. Dat
hij dit gebaar van mij wel eens niet erg op prijs zou kunnen stellen. De
tijd die wij samen hebben doorgebracht die duurde immers niet zo lang. Hij
is niet boos omdat wij zijn soort ook al haast hebben uitgeroeid. Groots
en in onze ogen dom bedelt hij blij en gelukkig om zijn banaan. Tot
de dag van heden roeien wij nog hen en onze eigen soortgenoten uit. Dat is vanaf ons laatste samenzijn tot heden door alle eeuwen zo gegaan. Pika Naar
huis,naar huis op weg naar de beschutting van de ouderlijke woning. Dat
zo heel lang al tevergeefs nu dat veilig voelende plekje verdwenen is. Een
ander heeft bezit van jou toch zo vertrouwde eigen nu genomen. Met
een gevoel van heimwee ervaar je dat ook zeker wel als een gemis. Je
hebt vrijwillig dat huis zo lang geleden al verheugd verlaten. En
ja, dan ook je ouders zijn er al zo heel erg lang niet meer. Maar
nog eens ongedwongen thuis komen en lekker samen praten. Dat
mis ik even af
en toe is wat ik mij bewust echt wel realiseer. En
zelf heb ik nu kinderen,die ook een voor een het huis verlieten. Zij
komen steeds nog aan nu het huis er nog is en wij er ook nog zijn. Ook
zij hebben nu hun huis met de kinderen en grote, kleine zorgen. Maar
zolang alles er nog is mis je ook niets en is het leven fijn. Toch
zullen ook zij dat voelen van dat ouderhuis eens missen. De
dag die komt dat ook wij voorgoed zijn heen gegaan. Waar
wij dan heengaan is toch nog steeds slechts hopen. Maar
als het even meezit zullen daar mijn ouders staan. Pika
Het ligt soms echt aan een kleinigheid, die des levens kansen maken. Geluk en voorspoed hangen af van soms toch wel hele kleine zaken. Want was Adam homoseksueel geweest, was niet Eva maar Jaap geboren. Geen gelazer bij de appelboom, en waren wij haast zeker ook niet zo
verloren. Gedoemd te zijn tot oorlog en geweld, tot rampen, honger, haat en nijd. Wij hadden dan lief, geheel geen leed, en voor elkander ook nog even
tijd. Om lief te hebben, veel en lang, gewoon, houden van elkaar, van
iedereen. Handelend als zodanig ook, waar leidt dat toe, waar gaat zulks heen? Want leefde alles wel in vrede en hielden toen ook nog dieren van
elkaar? Leeuw rustig grazend naast het lam? heel vreemd! Ja heel erg raar. Want dat de liefde gevolgen heeft dat weet immers haast iedereen. Al dat toch wel uitbundige geboorteoverschot, waar moet dat dan heen? En al dat wild dat steeds maar graast, vreet toch wel heel wat op! Dus houdt de natuur alleen ook niet zo lang stand, dus toch een strop! Ja, ook wij mensen, wij lusten ook heel wat, eten ook lekker dieren. Zij eten eigenlijk dan toch op hun beurt, om ons wat te plezieren. Hoe lang zijn wij er nu pas en toch is deze aarde nu al veels te klein. Ik denk:”Eigenlijk veel beter zo nu al die rampen en oorlogen er nog
zijn!” Nu er nog jagers zijn en haat en nijd, en mensen nog elkaar verscheuren. Niet lief zijn, lekker hard en wreed, zo dagelijks te zien in geuren en
in kleuren. Wij passen nog steeds op deze bol, wij zeggen: ”Delen lief en leed en
vieren feest.” Zou Jaap, die vriend van Adam dan, nu zoveel slimmer zijn geweest? Of net zoiets als Eva? Net zo sloom! Zou Jaap ook lekker zijn gaan eten? Ja ik, ik zou het beslist wel weten, als ik op de plaats van Eva had
gezeten! Ach slang, jonge, ga jij gerust je gang, eet je maar lekker rond en dik. Er zijn er immers zat genoeg voor ons, en de allerlaatste, oké, neem
ik! Hij was slim en zou er zeker niet zijn ingetrapt, en ik al evenmin! Hij kon wat mij betreft de boom in, voor altijd. En zo kreeg ik mijn
zin. Pika
Als opa weer eens op zijn vertelstoel zit. Met een kleinkind gezellig op zijn schoot. Dan komen er pas van die echte verhalen los. Met een fantasie, zo onuitputtelijk groot. De waarheid ligt er ongeveer zo’n beetje
tussenin. Wel wordt het zo hier en daar wel wat
versierd. Maar lekker spanend is het toch altijd wel. Zodat het hen beide ook steeds weer pleziert. Je voelt gewoon de spanning stijgen bij zo’n
kind. Je voert het dan ook tergend langzaam op. Kabouters, heksen, goede en kwade tovenaars. Bezwerend vaak en dan weer volop in galop. De goede fee. Het arme kind, de tovervrouw. Spookachtig ook, die schimmen op de hei. Heel vaak verdwaalt, maar komen altijd thuis. En dan zijn wij immers allemaal weer heden
blij? Voor mij blijft wel de moeilijke vraag
bestaan. Wat er nu al zoal door zo’n kinderhoofdje
gaat. Zij denken niet zo moeilijk, anders, dat staat
vast. En zo wordt het soms vanzelf weer veels te
laat. Als zij dan (geeuwend) naar hun bedje gaan. Gaan de verhalen in hun hoofdjes nog even
door. Zodat ik ook vaak de andere morgen dan. Soms eigenlijk vanzelf het vervolg bedachtzaam
hoor. Zo vind ik het opa zijn toch wel een vak
apart. Dat komt eigenlijk dat je hebt nu veel meer
tijd. Dan toen je zelf nog een hard werkende vader
was. En soms bespeur ik bij mijzelf toch even iets
van spijt. Dat je toen even niet wat meer tijd genomen
hebt. Want helaas, de zaken gingen nu eenmaal voor. Maar ook al die gedane zaken keren niet. Dat is toch een waar spreekwoord hoor! Pika
Sergeant ze gooien met stenen, Sergeant ze gooien met zand. Ze gooien het tegen mijn benen. Ze gooien het tegen mijn hand. De Lappen zij lopen in lappen. Kleurig te saam in Lappenland. Die Lappen, zij hebben geen fietsen. Dus lappen die Lappen geen band. Ik vind wel dat een Lap hoort te lappen. Want waarom heet hij anders Lap. Want lappen met Lappen is lappen. Zo logisch dat ik het zelfs snap. Een Lap reist in tenten van vellen. Die vellen, die villen zij graag. En het al wat er in heeft gezeten. Dat lapt er de Lap aan zijn maag. Zij reizen gewoonlijk met sleeën. Ja,
hij reist heel wat af in een jaar. Maar is hij op tijd thuis van het reizen. Ach, dan neemt hij er soms wel een paar. Maar als nu die sneeuw eens zou smelten. Zie ik wel flinke, toekomstige klant. Ik verkoop ze gewoon een partij fietsen. En dan lappen de Lappen ook band. Het kan dus vriezen of dooien bij de Lappen. Maar voorlopig ligt er sneeuw nog genoeg. Dus de fietsen nog maar even bewaren. Voor een lappende Lap is het nog even te
vroeg. Pika
Ach ja, ik heb helaas wat fietsproblemen! Of eigenlijk nee, wat is er aan de hand? Wel het is niet juist precies de fiets. Het betreft hier eigenlijk meer de band! Dat ding, dat geeft gewoon problemen. Want de spanning houdt helaas geen stand. Dat is toch eigenlijk wel heel vervelend. Lucht hoort sowieso niet aan de buitenkant! Ik hoop, dat ik het nog zal kunnen lappen. Anders moet er maar weer een nieuwe tegenaan. Zo kom ik dan gerust uit de problemen. En kan ik straks weer vrolijk verder gaan. Toch prijs ik mijzelf nog erg gelukkig. Nu wel de juiste diagnose is gesteld. Al moet ik nu wel even in de buidel. Helaas zeg ik, ook banden kosten geld! Zo herinner ik mij de tijd nog helder. Dat je ze zelfs gewoon niet kopen kon. Want al wilde je gerust wel betalen. Ze waren toch immers op de bon! Maar zelfs al had je dan al bonnen. Waren ze toch nog meestal niet te koop. Al was er dan wel een zwarte markt. Daar kostte het toch echt een hele hoop! Zo bezien heb ik dan toch echt weer mazzel. Dat ik in het heden heb die lekke band. Want was het nu zeg, 1943. Dan had ik zeker heel erg zwaar het land! Pika
Uitgeperst en volledig leeg geknepen! Restanten van een hele zure vrucht. Was het resultaat van zon en regen. Warmte, zwoele tijdelijke levenslucht. Was toch immers geboren om te sterven. Zo als alles eens een keer op deze aard. Maar het leven van een zo’n zure citrus. Is echt niet zo de moeite waard! Pika
Als ik zo in de spiegel kijk, Dan zie ik mijzelf. Als ik dan naar de spiegel kijk, Dan zie ik wat de spiegel ziet. En dat is soms een beetje mijzelf!
************ Wat
mij is opgevallen: Dat
de natuur geen reserveonderdelen heeft ! Gevraagd:
Een handige doe-het-zelver. ************ Is het lugubere van de dood de leegte? Dan is het lugubere van het leven de volte? ************** Het nadeel van geloven is: Niet kunnen bewijzen! Het nadeel van niet geloven is: Idem !
Pika
Ik vroeg: Boom, waarom ben jij zo groot? Gewoon, omdat ik zo ben! Ik vroeg: Bloem, waarom ben jij zo mooi? Gewoon, omdat ik zo ben! Ik vroeg: Water, waarom ben je zo diep? Gewoon, omdat ik zo ben! Ik vroeg: Berg, waarom ben jij zo hoog? Gewoon, omdat ik zo ben! Ik vroeg: Meisje, waarom ben jij zo lief? Gewoon, omdat ik zo ben! Toe vroegen zij allen: Pika, waarom doe jij
soms zo rot? Ik denk, gewoon omdat ik zo ben! Pika
Liefde is niet alleen de warmte die mij
koestert. Of alleen de koude die mij zo bitter haat. Met liefde gedaan is immers niet het moeten! Aangezien ik licht boven donker verkies. Zou ik dan toch de nacht moeten haten? Zoals drinken geen lust is zonder dorst. De vissen, zonder dorst, kunnen het water niet
missen. Zo drink ik ook, zonder dorst jou liefde. Liefde is blind! Ik gelukkig niet! Pika |
|