SeniorPlaza

Kerstliedjes

Jezus zegt dat Hij hier van ons verwacht

(met dank aam Inez voor het sturen van de tekst)

Jezus zegt dat Hij hier van ons verwacht,
Dat wij zijn als kaarsjes, brandend in de nacht.
En Hij wenst dat ieder tot zijn ere schijn',
Gij in uw klein hoekje en ik in 't mijn.

Jezus zegt dat Hij ieders kaarsje ziet,
Of het helder licht geeft of ook bijna niet.
Hij ziet uit de Hemel of wij lichtjes zijn,
Gij in uw klein hoekje en ik in 't mijn.

Jezus zegt ons ook dat 't zo donker is,
Overal op aarde zond' en droefenis.
Laat ons dan in 't duister held're lichtjes zijn,
Gij in uw klein hoekje en ik in 't mijn.
 

Terug naar overzicht

Kerstboom

(met dank aan Wilma van der Valk- Pluijmers voor het sturen van de tekst)

Als de school om vier uur uit is,

Moet ik vlug naar huis toe gaan,

Ja, ik zal wel heel hard lopen,

Dan zal er een kerstboom staan.

En vanavond na het eten,

Hhoef ik niet meteen naar bed,

Dan gaan wij de boom versieren,

Alles is al klaar gezet.

 

Rode ballen, zilv'ren slingers,

Op de top een gouden piek.

Engeltjes met een trompetje

En die maken echt muziek.

Dan de kaarsjes, vast wel twintig,

O wat zal dat prachtig staan.

En met Kerstmis dan steekt vader

Al die twintig kaarsjes aan.

 

Als dan al die kaarsjes branden,

Gaan we zingen met elkaar.

Ieder zingt zijn eigen liedje,

'k Heb een nieuw geleerd dit jaar.

't Lijkt wel of de klokjes meedoen,

Zachtjes kling'len: kling-kling-klang.

Kaarsenvlammen gaan dan dansen

Op de maat van ons gezang.

 

Terug naar overzicht

Kerstfeest

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

Kerstfeest is een feest van goede wille.
Kerstboombelletjes, tingelingeling.
Kaarsenvlammetjes staan te trillen,
Kindje kindje kom je in de kring.
Kaarsenvlammetjes naast elkaar,
Kerstmis is het fijnste feest van het jaar.

 

Terug naar overzicht

Kerstgedachten

(met dank aan Len van Veelen voor het sturen van de tekst)

Uit hoge hemel daalt Hij neer,

Als Kind in Bethlehem.

De hemelgave onze Heer,

Lof zingt met hart en stem.

 

Want grote blijdschap zeg ik die:

Den volke wezen zal.

God gaf Zijn Zoon aan deze aard,

Geboren in een stal.

 

Zie plots'ling staat aan ‘t firmament,

Het machtig engelenkoor.

En ’t Halleluja, Eer zij God,

Klinkt aard en hemel door.

 

Terug naar overzicht

Kerstlied (Willy Derby)

(met dank aam Inez voor het sturen van de tekst)

Bibberend loopt er langs de straten
'n Arme bedelknaap nog rond
Al de wegen zijn verlaten
Niemand waagt zich buiten, zelfs geen hond
Koude sneeuw dringt door zijn lekke klompen
In z'n holle maag is nat noch droog
En de gure wind snijd door z'n lompen
Groote tranen fonkelen in zijn oog

Refrein:
Stille nacht heilige nacht
Richt hij zich smeekend ten hemel
En vraagt dan schuw God laat me nu
't Kerstfeest met d'engelen vieren bij U

Hongerend uiteput van 't lijden
Valt hij op een stoep ter neer
En hij hoort de kinders blijde
Binnen 't kerstlied zingen tot den Heer
Z'n bevroren handjes vroom gevouwen
Slaapt hij in en God verhoort hem daar
Als men des 's morgens vroeg 't lijkje aanschouwen
Viert hij 't kerstfeest bij de Engelenschaar

Refrein:
Stille nacht heilige nacht
Gloria in exelsis Deo
't Schooiertje klein zal vol festijn
Eeuwig hier boven bij 't kerstkindje zijn

 

Terug naar overzicht

Kerstliedje

(J.H.Leopold (1865-1925))

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

In de donkere dagen van kersttijd

Is een kind van licht gekomen,

De maan stond helder over de dijk,

De ijzel hing aan de bomen.

 

Onder de doeken in een krib

Daar lag dat lief Jezuskindelijn

En spelearmde en van zijn hoofd

Ging af een zuivere lichtschijn.

 

Maria die was bleek en zwak

Op de knieën neergezegen

En zag blij naar het kindeke;

En Jozef lachte verlegen.

 

En buiten in de bitter kou

En de stille kerstnacht laat,

De heilige driekoningen kwamen van ver

Door de diepe sneeuw gewaad.

 

De heilige driekoningen hoesten en doen

En rood zijn bei hun oren,

Een druppel hangt er aan hun neus

En hun baard is wit bevroren.

 

De heilige driekoningen in de stal

Verwonderd zijn binnen getogen;

Het licht, dat van het kind afging,

Schijnt in hun grote ogen.

 

De heilige driekoningen staren het aan

En weten zich niet te bezinnen

En het kind ligt al te kijken maar

En tuurt in een denkbeginnen.

 

Terug naar overzicht

Kerstnacht in de loopgraven

(met dank aan Andreas Jacquet voor het sturen van de tekst)

Nu luister hoe Jezus die droeve kerstnacht

Blijdschap en vree in de loopgraaf bracht

Het front lag besneeuwd die heilige nacht

Daar stond een man alleen op wacht

 

Hij was zo moe hij kon niet meer

Hij zakte tegen zijn hokje neer

Er stond aan de hemel geen enkele ster

Hij schreide zijn kindertjes waren zo ver

 

Hij was zo droef hij was zo moe

Hij droomde en zijn ogen vielen half toe

Toen sprankelde een vuurpijl boven hem

Dat was de klaarte van Bethlehem

 

Hij zag de vlakte wit en rein

Zij glansde blank in die wondere schijn

Maar in zijn hoekje koud en wak

Stond nu een kribbe onder 't schamel dak

 

En in die kribbe op een handvol stro

Lag het kindeke Jezus het straalde zo

En toen op de sneeuwgrond nat en kil

Knielden drie engeltjes vroom en stil

 

En plots zag hij in dat stralende licht

Zijn eigen drie kindjes met een engelengezicht

Zijn Lieveke hief haar armpjes op

't Was nog schooner dan haar schoonste pop

 

Zijn Goeleke vouwde haar handjes vroom

Keek maar durfde niet spreken van schroom

Doch Rafke bad zijn gebedeke vlug

En vroeg: komt vader ooit nog terug

 

En 't kindeke knikte en lachte heel teer

Als wilde het zeggen: ja vader komt weer

 

Terug naar overzicht

Kindje in de kribbe

(met dank aan Corry van den Heuvel voor het sturen van de tekst)

Kindje in de kribbe,

Zie je mij hier staan,

Met mijn mooie truitje en mijn broekje aan.

Ik heb mijn trommeltje meegebracht

Rom, bom bom bom bom,

Omdat je dan wel zeker lacht,

Rom bom bom bom bom.

 

Kindje in de kribbe,

Zie je mij hier staan,

Met mijn mooie truitje en mijn jurkje aan.

Ik heb mijn fluitje meegebracht

Tuut,tuut,tuut,tuut,tuut,

Omdat je dan wel zeker lacht

Tuut, tuut, tuut, tuut.

 

Terug naar overzicht

Kindje Jezus in de stal

(met dank aan Cor Heuvelmans voor het sturen van de tekst)

Kindje Jezus in de stal

Ik bemin u boven al

Jij hebt 't zeker wel heel koud

In die arme krib van hout

 

Is uw moedertje zo arm

Heeft zij niet een bedje warm

Niet een beddeke van dons

Kom met haar maar gauw bij ons

 

Dan is dra uw leed voorbij

Want u krijgt zoveel van mij

O ik min u toch zo zeer

Kom toch spoedig lieve Heer

 

Terug naar overzicht

Klein, klein Jezuken ...

(met dank aan Len van Veelen voor het sturen van de tekst)

Klein, klein Jezuken,

Heb je zulk een kou ?

Kom in mijn harteken, wonen

En maak U daar een schouw.

We zullen een vuurtje stoken,

We zullen een pappeken koken.

En breng er Uw liefste moederke mee,

Dan zijn we al tevree

 

Terug naar overzicht

Komt allen tezamen

Komt allen tezamen,
Jubelend van vreugde
Komt nu, o komt nu naar Bethlehem
Ziet nu de vorst der eng'len hier geboren
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden die Koning

Komt allen tezamen
Komt verheugd van harte
Bethlehems stal in den geest bezocht
Ziet nu dat kindje, ons tot heil geboren
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden die Koning

De hemelse eng'len
Riepen eens de herders
Weg van de kudde naar 't schamel dak
Spoeden ook wij ons met eerbiedige schreden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden die Koning

Het licht van de Vader
Licht van den beginne
Zien wij omsluierd, verhuld in 't vlees
Goddelijk kind, gewonden in de doeken
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden die Koning

O kind, ons geboren
Liggend in de kribbe
Neem onze liefd' in genade aan
U, die ons liefhebt, U behoort ons harte
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden
Komt, laten wij aanbidden die Koning

 

Terug naar overzicht

Komt herders van rondomme

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Komt herders van rondomme,
Van berg en dal, van overal.
Komt herders van rondomme,
Gaat mee naar Bethlehem !

Daar is 't geen nacht !
Hoort wat U wacht,
'k Zag eng'len met ivoren luit;
Komt herders neemt schalmei en fluit.

Daar ligt terneer,
Jezus de Heer.
De Goede Herder wil Hij zijn:
Komt dan tot Hem als schaapjes klein !

 

Terug naar overzicht

Komt kinderkens nadert

(met dank aan Tineke de Koning voor het sturen van de tekst)

Komt kinderkens nadert

Gij kleinsten vooral

Kniel neder bij 't kribje

Van Bethlehems stal

En zie hoe vol liefde

Deez' zalige nacht

De Heer zijn belofte

Op aarde volbracht

 

Oh zie in het kribje

Zo hemels verlicht

Zie hoe daar een kindje

In windselen ligt

Met oogjes zo helder

En handjes zo klein

Een kindje veel mooier

Dan engeltjes zijn

 

Terug naar overzicht

Komt nu gij herders

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

(Engelen:)
Komt nu gij herders
Gij mannen van 't veld
Komt en verstaat
Wat Gods boodschap u meldt.
't Kind is geboren
Door God verkoren
Gaat hem dan zoeken
In stro en doeken
Vreest niet weest blij!

(Herders:)
Laat ons gaan zien
dan in Bethlehems stal
Hem van wie zongen de engelen ál;
Voor Hem ons buigen,
danken en juichen,
alom verkonden
wat wij daar vonden, Halleluja!

(Allen:)
Eng'len verkondden
het herders die nacht,
Maar ook aan ons
wordt de boodschap gebracht.
vrede op aarde,
eeuwige waarde,
in mensen allen
een welgevallen,
ere zij God!

 

Terug naar overzicht

Komt nu gij herders, gij allen tezaam

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Komt nu, gij herders, gij allen tezaam,
Komt en verheerlijkt des Eeuwigen Naam !
Christus, de Heer, is heden geboren,
Dien God den Heiland ons heeft verkoren.
Weest niet bevreesd !

Laat ons bewond'ren in Bethlehems stal,
Wat ons beloofd werd met jubelgeschal !
Laat ons verkonden, dien wij daar vonden,
Laat ons Hem prijzen op schoone wijzen !
Halleluja !

Waarlijk verkondigt der Eng'lenschaar,
Bethlehems herders de heug'lijkste maar;
Christus doet vrede voor ons weer dagen,
God heeft in mensen een we!behagen !
Ere zij God !
 

Terug naar overzicht

Komt verwondert u hier menschen

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Komt, verwondert u hier, menschen,
Ziet hoe dat u God bemint.
Ziet vervuld der zielen wenschen,
Ziet dit nieuwgeboren kind.
Ziet, die 't woord is zonder spreken;
Ziet, die vorst is zonder pracht,
Ziet die 't al is in gebreken;
Ziet, die 't licht is in de nacht.
Ziet, die 't goed is, dat zoo het is,
Wordt verstoten, wordt veracht.

0 Heer ]ezus, God en mensche,
Die aanvaard hebt dezen staat.
Geef mij dat ik door U wensche,
Geef mij door Uw kindsheid raad.
Sterk mij door Uw tere hand en,
Maak mij door Uw kleinheid groot.
Maak mij vrij door Uwe banden,
Maak mij vrij door Uwen nood.
Maak mij blijde door Uw lijden,
Maak mij levend door Uw dood.

 

Terug naar overzicht

Kyrie eleis

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

Herders op den velde, hoorden een nieuw lied

Dat Jezus was geboren, zij wisten 't niet

Gaat aan gene strate, en gij zult het vinden klaar

Beth'lem is de stede, daar is 't geschied voorwaar

 

Kyrie eleis

 

Heilige drie koningen, uit zo verre land

Zij zochten onze Here, met offerand

Z'offerden ootmoediglijk myrrh' wierook ende goud

't Eren van dat kindje, dat alle ding behoudt

 

Kyrie eleis

 

Terug naar overzicht

Lang gelee, 't was in Bethlehem

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Lang gelee, 't was in Bethlehem,
Daar stond een gouden ster
Te stralen boven een kleine stal,
Zo onbereikbaar ver.
Een koning is geboren,
Maar ziet Hij draagt geen kroon.
Voor ons kwam Hij uit de hoge
En is der mensenzoon.
Hosanna nu juicht ter Zijner eer,
Hosanna Hij kwam voor ons: de Heer !

De herder kwam en de Wijze,
Kwam, gelovend in zijn macht,
Van overal klonk de Eng'lenzang,
De vrede komt deez' nacht.
Hosanna, Hij kwam voor ons;
De Heer Hosanna, nu zingt ter Zijner eer
Van Bethlehem tot Jeruzalem,
Van Kribbe tot het Kruis,
Daar ligt het lange smalle pad
Dat leidt naar 't Vaderhuis

 

Terug naar overzicht

Lief kindje dat in 't kribje ligt

(met dank aan Frans Boone voor het sturen van de tekst)

Lief kindje dat in 't kribje ligt,

Zie traantjes in uw ogen.

Ach laat mij met een kusje toch,

Die lieve traantjes drogen,

Die lieve traantjes dro-o-gen

 

Uw moedertje heeft niets dan stro,

Om u op neer te leggen.

Het is zo hard het doet zo'n pijn,

Gij lijdt en kunt niets zeggen,

Gij lijdt en kunt niets zeggen.

 

Maar weet u lief klein kinderke,

Als ik eens groot zal wezen,

Dan wordt mijn hart een stalletje,

Waar 't licht en warm zal wezen,

Waar 't licht en warm zal wezen.

 

Terug naar overzicht

Lief kindje lief kindje op hooi en wat stro

(met dank aan Frans Boone voor het sturen van de tekst)

Lief kindje lief kindje op hooi en wat stro,

Waarom zo droevig en schreidt gij toch zo.

Arm is uw bedje en arm is uw moe,

Slaap maar lief kindje, doe de oogjes maar toe.

Wij zingen een kerstlied een kerstliedje fijn,

Slaap maar lief kindje en denk aan geen pijn.

 

Terug naar overzicht

Luidt klokjes klingelingeling

Luidt klokjes klingelingeling

Luidt klokjes kling

Laat de boodschap horen

Jezus is geboren

Met die blijde klanken

Willen wij God danken

Luidt klokjes klingelingeling

Luidt klokjes kling

 

Kling klokjes klingelingeling

Kling klokjes kling

Kerstmis is gekomen

Met zijn groene bomen

En in alle landen

Gaan de kaarsjes branden

Kling klokje klingelingeling

kling klokje kling

 

Terug naar overzicht

Maria die zoude naar Bethlehem gaan

Maria die zoude naar Betlehem gaan
Kerstavond voor de noene
Sint Jozef zoude al met haar gaan
Om haar gezelschap te hoeden 

Het hageld' en sneeuwde en 't was er zo koud
De rijm lag op de daken
Sint Jozef tot Maria sprak:
'Maria wat zullen wij maken?'

Maria die zei: "Ik ben er zo moe
Laat ons een weinig rusten
Laat ons een weinig verder gaan
Aan 'n huizeke zullen wij rusten

Zij kwamen een weinig verder gegaan
Tot aan een boerenschure
't Is daar waar Heer Jezus geboren werd
Daar sloten noch vensters noch deuren 

Het kleine Kind weende, Maria die zong
Gods eng'len uit den tronen
Zij kwamen tezamen nedergedaald
Zij kwamen Maria kronen

 

Terug naar overzicht

Midden in de winternacht

Midden in de winternacht, ging de hemel open

Die ons heil der wereld bracht, antwoord op ons hopen

 

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet

Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan

Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:

Christus is geboren

 

Vrede was er overal, wilde dieren kwamen

Bij de schapen in de stal, en zij speelden samen

 

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet

Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan

Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:

Christus is geboren

 

Ondanks winter sneeuw en ijs bloeien de bomen

Want het aardse paradijs is vannacht gekomen

 

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet

Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan

Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:

Christus is geboren

 

Zie daar staat de morgenster, stralend in het duister

Want de dag is niet meer ver, bode van de luister

 

Die ons weldra op zal gaan, herders blaast uw fluiten aan

Laat de bel bim-bam, laat de trom rom-bom

Kere om, kere om, laat de bel-trom horen:

Christus is geboren

 

Terug naar overzicht

Nu daagt het in het oosten

(met dank aan W.A. Stadhouders voor het sturen van de tekst)

Nu daagt het in het oosten, het licht schijnt overal.

Hij komt de volken troosten, Die eeuwig heersen zal.

 

De duisternis gaat wijken van d' eeuwenlange nacht.

Een nieuwe dag gaat prijken met ongekende pracht.

 

Zij, die gebonden zaten in schaduw van de dood,

van God en mens verlaten - begroeten 't morgenrood.

 

De zonne, voor wier stralen het nachtlijk duister zwicht,

en die zal zegepralen is Christus, 't eeuwig licht.

 

Reeds daagt het in het oosten, het licht schijnt overal.

Hij komt de volken troosten, Die eeuwig heersen zal.

 

Terug naar overzicht

Nu zijt wellekome

Nu zijt wellekome, Jesu lieve Heer

Gij komt van alzo hoge, van al zo veer

Nu zijt wellekome uit de hoge hemel neer

Hier al op dit aardrijk zijt gij gezien nooit meer

 

Kyrie eleis

 

Herders op den velde, hoorden een nieuw lied

Dat Jezus was geboren, zij wisten 't niet

Gaat aan gene strate, en gij zult het vinden klaar

Beth'lem is de stede, daar is 't geschied voorwaar

 

Kyrie eleis

 

Heilige drie koningen, uit zo verre land

Zij zochten onze Here, met offerand

Z'offerden ootmoediglijk myrrh' wierook ende goud

't Eren van dat kindje, dat alle ding behoudt

 

Kyrie eleis

 

Terug naar overzicht

O dennenboom

O dennenboom, o dennenboom

Wat zijn je takken wonderschoon

Ik heb je laatst in 't bos zien staan

Toen zaten er geen kaarsjes aan

 

O dennenboom, o dennenboom

Wat zijn je takken wonderschoon 

 

Terug naar overzicht

O Kindeke klein

O Kindeke klein, O Kindeke teer

Uit hoge hemel daalt Gij neer

Verlaat uw Vaders heerlijk huis

Wordt arm en hulploos

Draagt een kruis

O kindeke klein, O kindeke teer

 

O Kindeke klein, O Kindeke teer

Gij zijt onz´ uitverkoren Heer

Ik geef U heel het harte mijn

Ach, laat mij eeuwig bij u zijn

O Kindeke klein, O Kindeke teer

 

Terug naar overzicht

O nachtegael ontwaeck !

(17e eeuw)

(met dank aan Len van Veelen voor het sturen van de tekst)

O nachte-gael, ont-waeck !

O nach-te-gael, o vo-ghe-lyn

Ver-laet uw groe-ne twijghe-lijn,

Ont-waeck, o kom, ont-waeck !

Voor ’t Kin-de-kijn, uit-verkoren,

Nieu-ghe-boren, laet u ho-ren,

Zingh voor ’t zoe-te kin-de-kijn !

 

 

Vliegh aen bij’t krib-je cleyn,

Vliegh aen ghe-ve-dert sus-ter-kijn,

Ver-hef uw hel-der stemme-kijn,

O zingh’daer zacht en fijn,

Voor ’t Kin-de-kijn, vlugh van ve-der,

Zet u ne-der, zacht en te-der,

Zingh voor ’t hey-ligh kin-de-kijn !

 

 

Zingh, nach-te-gael, uw zangh !

Zingh, nach-te-gael, uw clae-re tael

Het Kind ten prij-se duy-zentmael

Met wonder-zoe-ten clanck.

Dees Roo-se-fijn ’s aerdrijcks croo-ne,

Lief-de too-ne, o-ver-sco-ne, wel-

Ghe-ko-men sal Hij zijn !

 

Terug naar overzicht

O verblijdende

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

O verblijdende, O gewijdende,
Zegenbrengende Kerstmistijd !
Wereld verloren, Christus is geboren !
Jubelt allen, jubelt nu die Christ'nen zijt.

O verblijdende, O gewijdende,
Zegenbrengende Kerstmistijd !
Christus van lijden komt ons bevrijden,
Jubelt allen, jubelt nu die Christ'nen zijt.

O verblijdende, O gewijdende
Zegenbrengende Kerstmistijd !
Lof en ere Hem de Here,
Jubelt allen, jubelt nu die Christ'nen zijt.
 

Terug naar overzicht

Oh denneboom

Oh denneboom, oh denneboom,

Hoe lief zijn mij uw blaad'ren.

Het groeit in barre wintertijd,

Als sneeuw op aarde licht verspreid.

Oh denneboom, oh denneboom,

Hoe lief zijn mij uw blaad'ren.

 

 

Oh denneboom, oh denneboom,

Ik houd u trouw in waarde.

Gij hebt zo vaak in Kerstmistijd,

Door zoveel schoons mijn hart verblijd.

Oh denneboom, oh denneboom,

Ik houd u trouw in waarde.

 

 

Oh denneboom, oh denneboom,

Wat wil uw kleed mij leren.

Gij bloeit en groeit te allen tijd,

En voorspelt ons standvastigheid.

Oh denneboom, oh denneboom,

Wat wil uw kleed mij leren.

 

Terug naar overzicht

Op reis

(met dank aan Margriet van Pelt voor het sturen van de tekst)

Oh, zie ze daar gaan in die donkere nacht

Dat tweetal zo stil en zo zedig

Maria och zie hoe zij vromelijk lacht

Hoe vurig zij Jezus haar kindeke wacht

Sint Jozef bedrukt maar toch vredig

Sint Jozef bedrukt maar toch vredig

 

Waar gaan zij dan henen? Naar Bethlehem klein,

Wijl Davids geslacht zij behoren

Dat stedeke echter... een kindeke rein,

Z al weldra veel grooter, verheven doen zijn,

Want Jesus, Hij wordt er geboren!

Want Jesus, Hij wordt er geboren!

 

Maar Beth'lem verstoot thans het heilige paar

En wil er gaan plaats hun verleenen,

Barsch wijst men de deur hun, nu hier dan weer daar

Ach, of men toch minder hardvochtig hun waar'

Hoe droevig gaan beiden daar henen

Hoe droevig gaan beiden daar henen

 

Maria en Jozef. och komt bij ons in,

Wij willen u gaarne ontvangen,

Rust uit van uw reize; ons hele gezin

Het wenscht u te troosten door hart'lijken min,

En wacht U met vurig verlangen

Het wacht U met vurig verlangen.

 

Terug naar overzicht

Regendropje hoor eens wat

(met dank aan Jennie van 't Ende voor het sturen van de tekst)

Regendropje hoor eens wat

Maak mijn kopje ook maar nat

'k Wil dat moeder straks zal zeggen

Voor ze mij in bed gaat leggen

En ze neemt me op haar schoot

Jongen wat word je nu toch al groot

 

Terug naar overzicht

Rudolf dat leuke rendier

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

Rudolf dat leuke rendier met zijn rode neus voorop,

Trekt in zijn slee de Kerstman over elke heuveltop.

Vroeger had hij geen vriendjes en eenzaam was hij elke dag,

Tot op een keer de Kerstman Rudolfs rode neusje zag.

Nu gaat hij steeds met hem mee in de Kerstmistijd,

Trekt de Kerstman in zijn slee als hij langs de wegen rijdt.

Dan schijnt dat rode neusje als een lichtje in de nacht,

Rudolf dat leuke rendier heeft de Kerstman thuisgebracht.

 

Terug naar overzicht

Sneeuwklokje

Sneeuwklokje, klingelingeling
Sneeuwklokje, kling
Kerstmis is gekomen
'k Zie 't aan de bomen
En in alle landen
Gaan de kaarsjes branden
Sneeuwklokje, klingelingeling
Sneeuwklokje, kling

 

Terug naar overzicht

Snerpend loeit de storm daar buiten

(tekst: Ferry/muziek: Louis Noiret)

(met dank aan Betsy van Dijk voor het sturen van de tekst)

Snerpend loeit de storm daar buiten
Langs de witbesneeuwde aard,
Achter wit bevroren ruiten
Zit een elk bij 't knappend vuur der haard.
En de kind'ren zingen blij hun liedjes
Om de kerstboom, vol van schitterlicht,
En de schoonste kerksche melodietjes
Worden vroom ten hemel steeds gericht ..

 

Refrein:
Stille nacht, Heilige nacht,
Heden is 't Kerstkind geboren;
Herdekens zacht houden de wacht;
Kindje van Bethlehem, sluimer, slaap zacht !

Bibb'rend loopt er langs de straten
'n Arme bedelknaap nog rond;
Al de wegen zijn verlaten;
Niemand waagt zich buiten, zelfs geen hond;
Koude sneeuw dringt door z'n lekke klompen,
In z'n holle maag is nat noch droog
En de gure wind snijdt door z'n lompen,
Groote tranen fonkelen in zijn oog.

 

Refrein:
Stille nacht, Heilige nacht,
Richt hij zich smeekend ten hemel
En vraagt dan schuw: God laat me nu
't Kerstfeest met d' engeltjes vieren bij U !

Hong'rend, uitgeput van 't lijden,
Valt hij op een stoep terneer
En hij hoort de kinders blijde
Binnen 't Kerstlied zingen tot den Heer;
Z'n bevroren handjes vroom gevouwen,
Slaapt hij in en God verhoort hem daar;
Als we 's morgens vroeg 't lijkje aanschouwen,
Viert hij 't Kerstfeest in de Eng'lenschaar.

 

Refrein:
Stille nacht, Heilige nacht,
Gloria in Excelsis Deo,
't Schooiertje klein, zal vol festijn
Eeuwig hierboven bij 't Kerstkindje zijn.

 

Terug naar overzicht

Sterre van het oosten

(met dank aan Moena de Koning voor het sturen van de tekst)

Sterre van het oosten wil nog eens verrijzen

Wijs ons de weg door de nachtelijke trant

Zoals gij eenmaal de heilige Drie Koningen

Duidelijk de weg wees naar het heilige land

 

Wijs ons de plaats waar de heer is geboren

Ligt hij daar neer in die nederige stal

Heeft hij die krib tot zijn wiegje verkoren

Is hij dan zelf niet de heer van het heelal

 

Kom laat ons knielen met de heilige Drie Koningen

Mirre en goud brachten zij tot u eer

Hebben wij niets om u dank te bewijzen

Niets dan ons harte neem dat dan o Heer

 

Terug naar overzicht

Stil is de nacht

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Stil is de nacht, een herder waakt,
Plots wordt het heil bekend gemaakt.
De eng'lenkoren zingen.

In deze rijke heil'ge nacht,
Werd aan de wereld 't heil gebracht,
De ere Gods bezongen.

Paren wij nu ons aller stem,
Aan 't eng'lenkoor bij Bethlehem,
Om vrede en we!behagen.

 

Terug naar overzicht

Stil nu, stil nu

(met dank aan Liesbeth de Nijs voor het sturen van de tekst)

Stil nu, stil nu, maak nu geen gerucht,

Stil nu, stil nu, 't ruist al door de lucht.

't Wonder komt heel zachtjes aan,

't Kerstkind wil naar binnen gaan.

Stil nu, stil nu, maak nu geen gerucht.

 

Terug naar overzicht

Stille heilige vredesnacht

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Stille heilige vredenacht,
Droomt op Bethlehem's velden.
't Kindje werd op aard gebracht,
Hoort de klokken 't melden.
Bim bam, bim bam, op aarde Jezus kwam.


Herders trouw te waken staan,
Kudde in Beth'lems dreven.
Horen klokken dreunen slaan,
Klanken tot hen zweven.
Bim bam, bim bam, op aarde Jezus kwam.

Wijzen uit het oosten gaan,
Volgen ster, na sterre.
Blijven plots'ling luist'rend staan,

Kling'lend komt van verre.
Bim bam, bim bam, voor u dat Jezus kwam.

 

Terug naar overzicht

Stille nacht

Protestantse versie

 

 Stille Nacht, Heilige Nacht
Davids Zoon, lang verwacht
Die miljoenen heiligen eens zaligen zal
Werd geboren in Bethlehems stal
Hij, d
er schepselen Heer
Hij, der schepselen Heer

Hulp'loos kind, heilig kind
Dat zo trouw zondaars mint
Ook voor mij hebt G' Uw rijkdom ontzegt
Werd G'in stro en in doeken gelegd
Leer m' U danken daarvoor
Leer m' U danken daarvoor

Stille Nacht, Heilige Nacht
Heil en vree wordt gebracht
Aan een wereld, verloren in schuld
Gods belofte wordt heerlijk vervuld
Amen! Gode zij eer
Amen! Gode zij eer

 

Rooms Katholieke versie

 

Stille nacht, heilige nacht

Alles slaapt, sluimert zacht

Eenzaam waakt het hoogheilige paar

Lief'lijk kindje met goud in het haar

Sluimert in hemelse rust

Sluimert in hemelse rust

 

Stille nacht, heilige nacht

Zoon van God, liefde lacht

Vriend'lijk om Uwe god'lijken mond

Nu ons slaat de reddende stond

Jezus van uwe geboort

Jezus van uwe geboort

 

Stille nacht, heilige nacht

Herders zien ‘t eerst uw pracht

Door der engelen alleluja

Galmt het luide van verre na:

Jezus de redder ligt daar

Jezus de redder ligt daar

 

Terug naar overzicht

Te Bethlem is geboren

Te Bethlem is geboren , het godlijk kindekijn

Dat heb ik uitverkoren, zijn dienaar wil ik zijn

Eja, eja! zijn dienaar wil ik zijn

 

O, kindeke geboren, zo arm in ene stal

Wil onze bee verhoren, gij koning van ´t heelal

Eja, eja ! Gij koning van ´t heelal

 

Als ik eenmaal zal scheiden, O god van eeuwigheid

Moog´ dan uw hand mij leiden, naar uwe heerlijkheid

Eja, eja! Naar uwe heerlijkheid

 

Terug naar overzicht

Toen God in Bethlehem als kind geboren

(met dank aan Inez voor het sturen van de tekst)

Toen God in Bethlehem als kind geboren
lag, was 't nacht, maar 't scheen te
wezen wel midden op den dag.
Nooit zag 't duister stralender
luister, nooit zoveel sterren
als het toen zag,
En een, die 't helderst scheen,
riep de Wijzen uit het Oosten
naar 't Kindje Jezus heen.

De veten en de haat, zij waren al
voorbij. Het lam dat liep te grazen
met leeuwen in de wei.
Zonder te bijten, stoeiden met geiten,
panters en tijgers, zo mak waren zij.
En naast de wilde beer lag kalf en
lam en veulen in peis en vrede neer.

De herders in het veld, die lagen op hun
wacht, toen feller dan de zonne het licht
brak door de nacht.
Vrienden geen vreze moet in U wezen,
zei hun een engel, weest vrolijk en lacht.
Ik meld U enkel blijs: Vannacht is weer
gekomen, het aardse paradijs !

 

Terug naar overzicht

't Was nacht in Beth'lems dreven

(met dank aan Len van Veelen voor het sturen van de tekst)

’t Was nacht in Beth'lems dreven,

Een schone, stille nacht

En trouwe herders bleven,

Bij hunne kudd’ op wacht.

En trouwe herders bleven,

Bij hunne kudd’ op wacht.

 

 

 En ja, juist in die stonde,

In dezen zelfden nacht,

Werd hun, door eng’lenmonden,

Het blijde nieuws gebracht.

Werd hun, door eng’lenmonden,

Het blijde nieuws gebracht.

 

 

De Heiland is gekomen,

In Bethlems kleine stal,

Die voor miljoenen vromen,

Een herder wezen zal.

Die voor miljoenen vromen,

Een herder wezen zal.

 

 

Want d' allerbeste herder,

Die toen op aard verscheen,

Voert zijne schapen verder,

Dan herders hier beneên.

Voert zijne schapen verder,

Dan herders hier beneên.

 

 

Hij wil zijn kudde leiden,

Zij ’t ook door leed of kruis,

Naar d’ eeuwig groene weiden,

Van ’t Hemels Vaderhuis.

Naar d’ eeuwig groene weiden,

Van ’t Hemels Vaderhuis.

 

Terug naar overzicht

Wat hebben de os en de ezel gedacht

Wat hebben de os en de ezel gedacht

Toen Jozef Maria naar binnen bracht
Een bed voor haar maakte van stro en van gras
Omdat er geen plaats in de herberg meer was

Wat hebben de os en de ezel gedacht
Toen zij daar het kindje ter wereld bracht
En wisten zij ook wat zij hadden gezien
En voelden ze iets van het wonder misschien

Wat hebben de os en de ezel gedacht
Toen engelen zongen in deze nacht
Ze dachten misschien wel wat heerlijk ó wat fijn
Om hier in de stal bij het kindje te zijn

 

Terug naar overzicht

Wat is het hier heerlijk bij 't kribbetje fijn

(met dank aan Betty Conijn en Tineke de Koning voor het sturen van de tekst)

Wat is het hier heerlijk bij 't kribbetje fijn.

Ik zou altijd hier willen zijn.

Maar 't klokje tikt immers geregeld maar door.

Denk niet dat aan mopperen of pruilen 't zich stoort.

Tiktik tiktik tiktik.

Allang zeven uur wat een schrik.

 

't Is kinderen bedtijd zegt vader vooruit.

De kaarsjes die moeten nu uit.

Wie heeft er de beurt om te blazen vandaag.

Dat is onze ...... en die doet dat zo graag.

Fuutfuut fuutfuut fuutfuit.

Ze [Hij] blaast op de maat ze nu uit.

 

En nu zoet naar bed hoor zegt moeder heel zacht,

Zeg 't kindje maar even goênacht.

Nacht Jezus wij moeten nu slapen gaan,

Maar morgen steekt moeder de kaarsjes weer aan.

St..st..st..st.st.. zacht,

Welterusten lief kindje,  goede nacht.

 

(op de puntjes de naam van een kind)

 

Terug naar overzicht

Wat is het toch heerlijk bij 't stalletje fijn

(met dank aan Sjan Koste en Hans Notermanns voor het sturen van de tekst)

Wat is het toch heerlijk

Bij 't stalletje fijn

Ik zou altijd wel hier willen zijn

Maar 't klokje tikt immer

Geregeld maar door

'k Denk niet dat 't aan

Mopp'ren of pruilen zich stoort

Tik, tak, tik, tak, tik, tik

Allang zeven uur wat een schrik

 

 Zegt moeder, "vooruit

De kaarsjes die moeten nu uit

Wie is aan de beurt

Om te blazen vandaag?

Het is onze Sjantje  *

En die doet het zo graag"

Fuut, fuut, fuut, fuut, fuut, fuit

De kaarsjes die zijn er nu uit !

 

"En nu vlug naar bed toe"

Zegt moeder heel zacht.

"Zeg het kindje

Nog even goê-nacht"

Nacht, Jesu, we moeten

 Dan slapen nu gaan

Maar morgen steekt moeder

De kaarsjes weer aan

Sst, sst, sst, sst, sst, zacht

Dag Jesu, lief kindje

Goê-nacht

 

(* of andere naam)

 

Terug naar overzicht

Wat zingen de klokken met diepe klank

Wat zingen de klokken met diepe klank ?

Wat jub'len de klokjes met blijde dank ?

Wat melden de kerstbomen zonder tal ?

Wat zongen de eng'len in Efrata's dal ?

Hoort gij 't niet ? "Ere zij God in den hoge

Vrede en  vreugde zijn 't deel nu voortaan

Van alle mensen die 't goede beminnen."

Hebt gij die boodschap der liefde verstaan ?

 

Verheugt u ! Waarom zoudt gij droef nog zijn ?

De kerstklokken luiden toch groot en klein ?

Ze zingen en jubelen overal

En blijde weerklinkt over bergen en dal:

"Ere zij God in de hoogste heem'len

Vrede op aarde en vrede in 't hart

Vreugde voor allen die 't goede beminnen."

Bethlehems boodschap verwint alle smart

 

Terug naar overzicht

Welkom Kerstnacht

(met dank aan Len van Veelen voor het sturen van de tekst)

Nooit werd een kind geboren

Als in die ene nacht,

Waarin de blijde boodschap

Aan de wereld werd gebracht.

 

Refrein:

Jezus is Zijn naam,

Hij daalde voor ons neer.

Laat ons Zijn naam bezingen,

De nieuwgeboren Heer.

Immanuel, Gods enige zoon !

Onze nieuw geboren Heer.

 

 

Vol heerlijkheid en luister

Zong ’t machtig engelen koor,

Het eer zij God en vrede

Klonk heel de velden door.

 

Refrein

 

Begaan met ’s werelds noden,

Zond God tot ons Zijn Zoon,

De morgen ster vol glorie,

Gedaald van ’s hemels troon.

 

 

Refrein

 

 

Maar heeft men in de wereld,

Zijn boodschap wel verstaan ?

Of blijft ons oor gesloten,

Om eigen weg te gaan !

 

 

Refrein

 

Terug naar overzicht

Wiegelied der herders

Slaap zacht in deze donk´re nacht

O godlijk kind slaap zacht

Geboren in een stal zo arm

Wij herders houden wacht

Wij waken tot de dag begint

Sluit d´oogjes toe Gij hemels kind

Slaap zacht, slaap zacht

Lieflijk kindje slaap zacht

 

Op ´t harde bedje ligt gij neer

O, godlijk kind slaap zacht

Met strroo een weinig toegedekt

In deze koude nacht

Gij kwaamt voor onze zaligheid

Gij, Heer en God van eeuwigheid

Slaap zacht, slaap zacht

Lieflijk kindje, slaap zacht

 

Terug naar overzicht

Wij komen tezamen

Wij komen tezamen onder ’t sterrenblinken

Een lied moet weerklinken voor Bethlehem

Christus geboren zingen d’ engelenkoren

 

refrein:

Kom gaan wij Hem aanbidden

Kom gaan wij Hem aanbidden

Kom gaan wij Hem aanbidden, onze Heer

 

Drie wijzen met wierrok kwamen er van verre

zei volgden zijn sterre naar Bethlehem

Herders en wijzen komen Jezus prijzen  

 

refrein

 

Ook wij uitverkoren, mogen U begroeten

en kussen uw voeten, Emmanuël

Wij willen geven hart en geest en leven

 

refrein

 

Terug naar overzicht

Zeg eens herder

Zeg eens herder waar kom jij vandaan?
Ik heb eens gekeken in een oude stal
Daar zag ik een wonder dat 'k vertellen zal

Zeg eens herder wat heb jij gezien?
'k Zag een os en ezel bij de voederbak
Het was er koud en donker, tocht kwam door het dak

Zeg eens herder wat zag jij nog meer?
Ja ik zag een kindje, schreiend van de kou
En daarbij stond Jozef, die het warmen wou

Zeg eens herder zag je soms nog meer?
'k Zag toen dat Maria 't kind in d'armen nam
Os en ezel keken en ook een klein lam

Zeg eens herder is het lief en schoon?
Schoner dan het zonlicht, schoner dan de maan
Schoner dan de hemel waar de sterren staan

Zeg eens herder heeft het niets gezegd?
Ja het vroeg om liefde, schatten vraagt het geen
Laten wij nu allen gaan tot hem alleen

 

Terug naar overzicht