Uit (groot)moeders tijd
Papa
dja (The Kilima Hawaiians)
(met
dank aan Betsy van Dijk voor het sturen van de tekst)
Hallo hallo, o, papa dja
Alle soldaten in de tropen groeten zo
Hallo, hallo, dat is hun groet
Die het 't beste bij de militairen doet
En in de stad en op 't land
Staan de soldaten in de Dessa aan de kant
Duimen omhoog gericht
en met een lach op hun gezicht
Terug
naar overzicht
Papieren rozen
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Ik weet nu hoe jouw ogen mij bedrogen
Met zoveel and'ren heb je dat gedaan
Je sprak van liefde, maar je bloemen
logen
Bied jij maar liever namaakbloemen
aan.
Refrein:
Papieren rozen, papieren rozen
Ik heb veel te veel in jou vertrouwd
Maar precies als papieren rozen
Was al jouw liefde maar klatergoud.
Ik dacht dat jij mij altijd zou
verwennen
Je was in het begin zo lief voor mij
Maar nu heb ik je beter leren kennen
Al mijn illusies zijn voorgoed
voorbij.
Refrein
Terug
naar overzicht
Pappie moest nog wat gaan
kopen
(met
dank aan Inge Zoeteweij voor het sturen van de tekst)
Kleine zusje loopt verlaten
Door het lege stille huis
Zachtjes met haar pop te praten
Pappie komt maar steeds niet thuis
Mammie moppert alle dagen
't Huwelijk ligt uit elkaar
Kleine zusje komt steeds weer vragen
Dan zegt mammie tegen haar:
"Pappie moest nog wat gaan kopen
In de winkel, kleine meid
Maar nu kan de deur niet meer open
Want hij is zijn sleutel kwijt"
Zo verstreken vele dagen
Moeder droeg haar huwelijksleed
Kleine zusje kwam niet meer vragen
En zij dacht "het kind vergeet"
Maar elk centje om te snoepen
Werd door zusje trouw bewaard
Tot zij plots haar mammie kwam roepen
"Kijk eens wat ik heb gespaard !
Mammie maak mijn spaarpot open
Zijn 5 centjes niet te min
'k Zal een nieuwe sleutel kopen
Dan kan pappie er weer in"
Terug
naar overzicht
Paps
moet leeren swingen
(tekst
en muziek: Wim Poppink/uitvoering The Ramblers)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Mams
heeft een tik van de "Jitterbug" beet !
Zij
danst en springt, zij Jive't en ze swingt;
Paps
is op dansen niet belust,
Maar
Mams laat den stakker niet met rust.
Refrein:
Paps
moet leren swingen, Mams wil dansen,
Paps
heeft er geen zin in, Mams zet door !
Paps
zit liever in z'n stoel te dutten,
Mam's
danst Paps de "Jitterbug" voor,
Paps
wordt ongeduldig, wil 't niet leren,
Mams
is onvermurwbaar, danst steeds door;
Paps
ontvoudt de krant, probeert te lezen,
Mams
danst Paps de "Rumba" voor,
Mams
danst: Hee, Hee !
Mams
swingt: Hei, Hei !
Kom
Paps, Toe Paps,
Paps
springt uit z'n stoel op;
Dans
nu eens even met mij: "Hei",
Brult
vertwijfelt,
Trappend
op de grond zo hard hij kan !
Mams
applaudiseert, roept opgetogen:
"Zie
je wel, dat je swingen kan !"
Mams
gaat naar dancings en Paps sleept ze mee,
De
band speelt "hot" —
Maar
Paps noemt het"„rot" —
"Ik
ben per slot geen acrobaat",
Zegt
Paps en hij is weer uit de maat.
Refrein
Terug
naar overzicht
Paradiso
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Refrein:
Paradiso
met je palmenstrand,
Ach, die tijd vergeet ik niet.
Paradiso met je palmenstrand,
Wat geluk was, werd verdriet.
‘k
Zag jou voor het eerst in Paradiso,
Samen lagen wij daar in de zon.
Eerst leek alles mooi, een Eldorado,
Later bleek, dat wat ik wou, een flirt was die niet blijven kon.
Refrein
And’re meisjes wist je te bekoren,
Steeds een ander, steeds "ik hou van jou".
Ik, die eerst geen kwaad van jou kon horen,
Wist helaas al gauw van jou, dat jij me snel vergeten zou.
Refrein
Terug
naar overzicht
Parijs
ligt aan de Seine
(Tekst: Gerrit den Braber/muziek:
Joop Stokkkermans/ uitvoering: Max van Praag)
La
la la la la la
Parijs
ligt aan de Seine en Bonn ligt aan de Rijn
Maar dat ik zo verliefd ben, dat ligt aan Madelein
Uit China komt de zijde, uit Spanje komt de wijn
Maar dat ik zo verliefd ben, dat komt door Madelein
Zij
heeft iets van Brigitte, zij heeft iets van Marleen
Als ik haar zie denk ik meteen
Parijs ligt aan de Seine en Bonn ligt aan de Rijn
Maar dat ik zo verliefd ben, dat ligt aan Madelein
La
la la la la la
De
Tower staat in Londen, in Rotterdam Piet Hein
Maar als je 't mij zou vragen, ik sta op Madelein
Stettin ligt aan de Oder, Saarbrücken aan de Saar
Maar dat ik zo verliefd ben, dat ligt alleen aan haar
Zij
heeft iets van Brigitte, zij heeft iets van Marleen
Als ik haar zie denk ik meteen
Parijs ligt aan de Seine en Bonn ligt aan de Rijn
Maar dat ik zo verliefd ben, dat ligt aan Madelein
De
koude van de poolwind, de hitte der woestijn
Die onderga ik beide, zo dicht bij Madelein
De aarde blijft maar draaien, dat weet toch groot en klein
Bij mij draait voortaan alles, alleen om Madelein
Zij
heeft iets van Brigitte en ook iets van Marleen
Als ik haar zie denk ik meteen
Parijs ligt aan de Seine en Bonn ligt aan de Rijn
Maar dat ik zo verliefd ben, dat ligt aan Madelein
Terug
naar overzicht
Parijs
Parijs
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Er bestaat schier geen stad op de wereld,
Als het heerlijke groote Parijs.
Met haar vroolijke woelige straten,
Waar men leeft in 't aardsch paradijs.
Haar boulevards en haar schitterende pleinen,
Haar gebouwen van kunstige fijn(?)
In Parijs wil ik leven en sterven,
Daarom zing ik verheugd het refrein:
Refrein:
Parijs Parijs met je mooie slanke vrouwen,
Parijs Parijs is de stad waar wij van houen,
Parijs Parijs waar het leven ons tegenlacht,
Parijs Parijs jij laat me genieten bij dag en nacht.
Wie van buiten Parijs ging bezoeken,
Nam de schoonste herinnering mee,
Aan het bal Faberin Moulin Rouge,
Aan het bosch en Champs Elisees,
Aan de vrouwtjes met klinkende namen,
Als Lisette Minon of Madlein,
Waar wij heerlijk mee fuivend soupeerde,
Bij 't zingen van 't aardig refrein:
Refrein
Terug
naar overzicht
Pas op
je plaatje
(August de Laat, 1937)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Wat is tegenwoordig wel het leven
zonder fiets
Lopen op je eigen benen is toch zeker niets
Daarom dacht Financiën de fiets dat is m'n buit
Want nu een ieder fietsen gaat sla ik er wel wat uit
Refrein:
Pas op je plaatje als je fietsen gaat
Want zonder plaatje mag geen fiets op straat
Zo'n plaatje dat is een aanbevelingsbrief
De fiscus en de dienst, die hebben het even lief
Pas op je plaatje en wees er zuinig op
Want zonder plaatje dan heet het fietser stop
Bij ons mag je nu eenmaal niks voor niks
Voor een jaartje mag je fietsen voor een riks
Zo ontstond het plaatje, officieel het
rijwiel merk
Al wat lange vingers had dacht jongens dat is werk
Dank dat mooie plaatje komen wij weer aan de kost
Dat kleine stukje koper kost een riksie bij de post
Refrein
Het plaatje dat is geld waard fietsers
daarom opgepast
Hang het stevig op je jas of maak het stevig vast
Als je in verleiding brengt dat geeft maar narigheid
Een mist z'n vrijheid voor een poos, jij bent je centen kwijt
Refrein
Pas op je plaatje en wees er zuinig op
Want zonder plaatje dan heet het fietser stop
Bij ons mag je nu eenmaal niks voor niks
Voor een jaartje mag je fietsen voor een riks
Terug
naar overzicht
(tekst en muziek: Bart Ekkers / Arr:
Guus Jansen)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Reeds door de eeuwen heen
Komt er voor iedereen,
Een tijd van vrijen en van minnarijen
Maar als het zover staat
Volg dan een goeie raad
Voordat je zonder erg de boot in gaat.
Refrein:
Pas op voor Cupido !
't Is een schavuit
Hij haalt zo graag z'n streken uit.
Pas op voor Cupido !
Er dreigt gevaar.
Vóór je het weer ben je de sigaar.
Je raaks door hem je vrijheid kwijt
En later heb je reuzespijt.
Pas op voor Cupido !
't Is een schavuit
Hou 'm in de gaten ! Kijk uit ! !
Als je aan 't vrijen bent
En geen gevaren kent,
Is 't minnekozen een zoet verpozen.
Maar komt de "Cuup" er bij,
Wordt het een schietpartij
En dan leg jij er heus het loodje bij.
Refrein
Terug
naar overzicht
Pas toch op je broodkaart
(wijs: Juf pas toch op je pitje)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Wat is het toch een dure tijd van
leven,
En wat is het toch een groote nood,
Mijn man die zit er van te beven,
Dat krijgt hij maar drie ons brood.
Anders eet hij elken morgen
Twee en een half pond alleen,
En dan gaat hij zonder zorgen
Beladen naar zij werk heen.
Refrein:
Het zijn toch rare tijden,
We zijn niet te benijden.
Als men zijn broodkaart verliest op
straat,
Weet men heusch geen raad.
Dan kan men geen brood meer krijgen,
We zullen er maar van zwijgen,
Negen dagen is het rantsoen
Met een broodkaart doen.
Verleden week wou hij niet gaan
werken,
Sprak: Wat denk je nou wel vrouw,
Drie ons om je te versterken,
's Avonds thuis verrek je van de kou.
Wij zitten zonder kolen
Al reeds een maand of twee.
En met schoenen zonder zoolen,
Daar werk ik niet mee."
Refrein
Heele dagen krijg je niets te eten,
Een stukje brood met margarien,
Ik heb dagen thuis gezeten,
Dat ik van de honger niet kon zien.
Voor geld en goede woorden
Lijdt je honger en gebrek,
En ze slachten zooveel varkens
En zeggen steeds: ,,er is geen spek."
Refrein
De slachterijen in de gemeente
Oss,
Dat is voorwaar een goede zaak,
Per dag zeven á acht honderd varkens,
Die hangen ze aan den haak.
Maar waar blijven al die varkens,
Je steekt er niets van in je bek,
Niets dan afgekrabde botjes,
Duitsch- of Engeland vreet het spek.
Refrein
Vleesch kan men nog wel halen
Als men maar kan betalen,
Anders maar Regeeringsspek,
Maar drink je geen stuk in je nek.
Want het is een weinig gezouten,
Je valt dan vast niet om van de
flauwte.
Neemt ander na 't eten havermout
Dat is niet uit 't zout.
Refrein
De aardappels duur en bevroren,
Het brood, de zeep, het spek, de meel,
Men gaat elkander haast vermoorden,
De een krijgt niets, de andere te
veel.
Maar in ons landje is genoeg te
bikken,
't Is daarom een groote schand',
Ze laten os van honger stikken
En zenden alles naar het buitenland.
Refrein
Terug
naar overzicht
Patokaan
(Kilima Hawaiians)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Mattigo tigo gorokan sajang
Matigo tigo gorokan sajang
Sako mange waki tanah Atjeh
Mailuk iluk iluk lako sajang
Sako mange waki tanah Atjeh
Mailuk iluk iluk lako sajang
Daar in 't land, daar graast mijn
karbouw
Daar in 't land, daar bouw ik een
huis voor jou
'k Plant daar rijst en daar vang ik
vis
Weet jij wel, hoe rustig en mooi 't
daar is
Al die pracht en praal van de grote
stad
Haalt niet bij het land, liefste,
weet je dat
Bij het grote meer, waar 'k mijn
huisje bouw
Ligt 't geluk voor mij en ook voor
jou, m'n vrouw
Mattigo tigo gorokan sajang
Matigo tigo gorokan sajang...
Terug
naar overzicht
Peter
Refrein:
Wie
maakt dat ik niets meer lust
Wie
verstoort mijn rust
Ja
dat is Peter, ja dat is Peter
Waarom
doe ik alles fout
Ben
ik warm of koud
Dat
komt door Peter, dat komt door Peter
Peter
is mijn ideaal
Grijze
trui en rode sjaal
Blauwe
ogen, donker haar
Groot
en knap en achttien jaar
Peter
vindt de meisjes dom
Kijkt
niet naar ze om
Want
zo is Peter, want zo is Peter
Peter,
Peter zie je niet
Dat
ik ziek ben van verdriet
Peter,
ik ben verliefd
Peter
zit in de hoogste klas
Ik
wou dat ik zo ver al was
Maar
als hij dan eens naar mij keek
Was
ik totaal van streek
Refrein
Peter
is mijn ideaal
Grijze
trui en rode sjaal
Blauwe
ogen, donker haar
Groot
en knap en achttien jaar
Peter
vindt de meisjes dom
Kijkt
niet naar ze om
Want
zo is Peter, want zo is Peter
Peter,
Peter zie je niet
Dat
ik ziek ben van verdriet
Peter,
ik ben verliefd
Terug
naar overzicht
Phileken
(met dank aan Staaf Baetens voor het sturen van de tekst)
Langs bos en heidestruiken zag ik
Polinneken blij
Met een karreken en twee kruiken
Gaan melken naar de wei (bis )
Maar toen z'haar hoofdje draaide,
Liep da karreken in de sloot
En 't arme meiske klaagde
Aan mij haren bittere nood ( bis )
Refrein:
Phileken, Phileken stampt ne keer van
achter aan mijn wieleken (bis)
Mijn mouwkens rap oprollen deed ik van
goed humeur
En ik deed dat karreken bollen
Tot voor Polinnekens deur (bis)
Daar kusten wij ons beiden
Wat zoet genot o heer
En zei riep bij het scheiden
Wel meer dan honderd keer (bis)
Refrein:
Phileken, Phileken wanneer stampte nog
eens aan mijn wieleken (bis)
Ik trouwde met da meisken zo waar mijnen
naam is Phil
Ik en mijn liefste seisken
Gelukkig maar wat stil (bis)
God schonk ons om te beginnen
Nen tweeling kloek en fijn
Da was 't er naar haar zinnen
En zij zong dit refrein (bis)
Refrein:
Phileken, Phileken da komt van te
stampen aan da wieleken (bis)
Een root gelijk een ladder schonk ons
den opperheer
't Is den twelfden pagadder
Dat ik hier deklareer (bis)
Mijnheer pastoor verwonderd
Schonk mij een sigarken fijn
En hij riep als verwonderd
Al lachen dit refrein (bis)
Refrein:
Phileken, Phileken g'hebt gij goed
gestampt ja aan da wieleken (bis)
Na weegt mijn lief boeboeleken 100 kilo
op de kop
Ze zit altijd op een stoeleken
En kan den trap niet meer op (bis)
En moet ze dan naar boven
Stampe kik van achter aan
Wie kan da na geloven
Dat da nu nog zal gaan (bis)
Refrein:
Phileken, Phileken stampt nog ene keer
van achter aan mijn wieleken (bis)
Terug
naar overzicht
(Ned.tekst: Bart Ekkers muziek:
Josef Myron)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Philomeentje,
Is een buitenbeentje in de dorpsfanfare
Want niet ééntje,
Kan die lieve Philomeentje evenaren (in
die fanfare)
Ze piept prachtig klarinet
Tettert machtig schuiftrompet
Toetert heerlijk saxophoon
O hoe schoon, hoe wonderschoon speelt
Philomeentje
Philomeentje,
Slaat met charme en bravour de kleine
trommel,
Als ze roffelt,
Hoor je kilometers ver het zwaar
gerommel (rommel-de-bommel).
Maar op één klein instrument
Speelt Philomeentje heel apart:
Met gevoel betokkelt ze de snaren
Van menig minnend mannenhart.
Terug
naar overzicht
Pier en
Lijn
(ca. 1913)
(met dank aan Jeanne Albers voor het sturen van de tekst)
'k Wil u verhalen in mijn lied
Hoe Pier met Lijn ging trouwen
Het huwelijk was pas geschied
of 't moest hun al berouwen
Den eertsen dag, 't was al gelach
Men zag daar niets dan slempen
En Pier en Lijn hel vrolijk zijn
Bij bassen en bij trompen
Refrein:
Tra la la la la la la la
Tra la la la la la la la
Tra la la la la la
Jan oom gaf kiekens in het kot
Dries oom gaf hun een verken
Matthijs gaf eenen koffiepot
Een schup om mee te werken
En Jannemoei gaf hun een koei
Arjaan gaf hun een tange
En Pier de Wal gaf hun een val
Om muiskens mee te vangen
Refrein
Pier zoo de bruiloft was gedaan
Begon te commandeeren
Waar dat de meubels zouden staan
En ging het huis uitkeeren
Maar Lijn die zei 'Wat braadt gij mij
Dat zijn geen mansaffeeren
Laat mij dus doen naar mijn fatsoen
Gelijk ik zal begeren'
Refrein
Pier hing het zoutvat in de schouw
En Lijn begon te kijven
En zei dat zij dat niet en wou
En het daar niet zou blijven
Lijn nam het af en Pier die gaf
Haar twee goede souffletten
En zei 'gij prij wat zult gij mij
Hier wetten komen zetten'
Refrein
Lijn als een duivelin zoo kwaad
Riep uit 'moet ik dat lijden
Indien gij mij nog eens zo slaat
Zal ik u ook niet mijden'
Pier zei 'zwijg stil; gij zult den wil
Van mijn gebod ontvangen
Ik draag de broek in dezen hoek
Daar zal het zoutvat hangen'
Refrein
Lijn trok haar man dan voor 't gerecht
En deed terstond hem dagen
Dat hij moest komen voor 't gerecht
Om hem daar af te vragen
Of eenen man gebieden kan
Of hij kan kommandeeren
Waar hangen moet het keukengoed
Ze raakten aan 't procedeeren
Refrein
Ze procedeerden langen tijd
Daar wierd zoveel gelopen
Totdat zij waren alles kwijt
Men alles moest verkoopen
Den helen bras al wat er was
Het zoutvat potten pannen
Daarbij de koei van Jannemoei
En 't vat met koopren banden
Refrein
Terug
naar overzicht
Pietje
Lut (Uit revue Rooie Sien)
(met
dank aan Marc Blokland (†) voor het sturen van de tekst)
Toen
Pietje Lut zijn moeder Pietje ter wereld bracht
Toen
was het net zo'n mormel als zijn vader had gedacht
Hij
werd direct gewogen spiernakend op een schaal
Zoiets
was hem nog nooit gebeurd, het was voor de eerste maal
Toen
Pietje Lut een baas kreeg was hij heel braaf en kuis
Bracht
op een zek're avond de dochter eens naar huis
Zij
vroeg Piet om een zoentje dat vond Piet heel brutaal
Zoiets
had hij nog nooit gedaan, dat was voor de eerste maal.
Toen
Pietje Lut zijn vrouw zei, in de eerste huwelijksnacht
'k
Wou dat de ooievaar maar nu ons een kleintje bracht
Wist
Pietje niet wat te zeggen, stond Pietje voor schandaal
Zoiets
had hij nog nooit beleefd, 't was voor de eerste maal.
Toen
Pietje Lut ging sterven, wat iedereen gebeurt
Toen
werd hij door familie en vrienden diep betreurd
Hij
werd dan ook begraven met alle pracht en praal
Zoiets
was hem nog nooit gebeurd, dat was voor de eerste maal.
Terug
naar overzicht
Piet,
poets je tanden
(tekst en muziek: Wim Poppink/uitvoering:
Wim Poppink en The Ramblers)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Piet was een aardige knappe jongeman,
Met schone nagels en een mooi pakkie an.
Maar tandenpoetsen deed hij
Niet precies zoals dat moet.
Na de eerste ochtendgroet:
Refrein:
Piet !!!! Beste Piet !!!!
Poets je tanden, vergeet het niet !
Borstel vlijtig je gebit,
Lekker schoon en vlijtig wit.
De spiegel lacht je stralend toe,
Als ie je blanke tanden ziet !
Piet !!! Beste Piet !!!
Poets je tanden, vergeet het niet !
Witte tanden, goed gezond,
Zijn een sieraad voor je mond.
Dus poets je tanden Piet,
Vergeet het niet !
Piet werd verliefd op een knap en aardig ding,
Dat zijn attenties met veel vreugde ontving.
Maar toen hij om een kus vroeg,
Zei het lieve kind subiet:
“Als je niet eerst je tanden poetst,
Krijg jij je kusje niet !“
Refrein
Piet en z’n meisje zijn nu reeds lang getrouwd,
Zij hebben samen een toekomst opgebouwd.
En kleine Piet, hun zoontje,
Krijgt nu ook de wijze les,
Want hij moet ’s morgens en
Ook ’s avonds even onder ’t mes !
Refrein
Terug
naar overzicht
Pinda
pinda, lekka lekka (straatliedje van rond 1933)
(met
dank aan Marc Blokland (†) voor het sturen van de tekst)
Ik
kom van 't andere eind der aard
Mijn
boot die haalden ze uit de vaart
Toen
hingen ze me doodbedaard
Een
trommel voor mijn buik
Ze
zeiden mij, ga nou maar door
En
roep alleen maar pinda hoor
En
vraag er dan vijf centen voor
Toen
zat ik in de fuik
'k
Verkocht mijn eerste pakkie dra
Die
stuiver had ik vlug
Ik
gaf toen in mijn zenuwen
Een
dubbeltje terug.
Refrein:
Pinda
pinda, lekka lekka
Als
je maar vijf centen biedt
Pinda
pinda, lekka lekka
Of
je 't kauwen kan of niet
'k
Sta en dommel bij mijn trommel
Tot
ik uit mijn jasje waai
Van
je tsjing, tsjing, tsjing
Van
je tsjang, tsjang, tsjang
Wiede
wiede wiet Sjanghai.
Terug
naar overzicht
Piove
(Ciao, ciao bambina)
(Ned.
tekst: Guus van Amstel/muziek: D. Modugno/uitvoering Willy Alberti)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
"t
Is of van verre de wind op komt steken,
Wolken
verdrijven de stralende zomer.
Nu
jij ons geluk voor altijd wilt breken,
Valt
regen, regen, waar ik ook ga:
Ciao,
ciao bambina, vaarwel m'n liefste,
Geef
me nog éénmaal een afscheidskus !
Nu
onze wegen voor altijd scheiden,
Valt
ov'ral regen, voortaan voor mij !
De
zon mag schijnen voor heel de wereld,
Voor
mij wordt nooit meer de hemel blauw !
Jij
was m'n leven 'k wil alles geven,
Als
jij zou zeggen: "Ik blijf bij jou !”
Ciau,
ciau bambina, vaarwel m'n liefste !
Weet
je wat ik jou zeggen wou ?
De
zon zou schijnen, wolken verdwijnen,
Als
jij zou zeggen: "Ik blijf bij jou !”
Terug
naar overzicht
Pittsburg Pennsylvania
(Liefste, wil je met me trouwen)
(tekst Willy Pol / muziek: Bob
Merrill)
(met
dank aan Gerard Engelbertink voor het sturen van de tekst)
Ik ga nu terug,
Naar m'n eigen land,
Maar voor mijn vertrek,
Vraag ik jou om je hand:
Refrein:
Liefste, wil je met me trouwen
In Pittsburgh Pennsylvania,
Waar m'n bungalow reeds op ons wacht.
Ik zal altijd van je hou'en
In Pittsburgh Pennsylvania,
Waar de toekomst ons blij tegenlacht.
Er is vreugde in de huizen van familie
en bekenden
Als ik aankom met jou als m'n bruid.
Door de foto's in de brieven die ik
wekelijks pende,
Is een ieder vertrouwd met je snuit.
Je Pa en je Moe stemden allebei toe
In het huw'lijk van jou en van mij.
En over een tijd komen zij naar ons
toe,
Dan is ook weer die, scheiding
voorbij.
Als wij samen dus gaan trouwen
In Pittsburgh Pennsylvania,
Vinden wij het geluk met elkaar.
In de city en de omtrek
Van Pittsburgh Pennsylvania,
Worden wij het gelukkigste paar !
Terug
naar overzicht
Poen
(tekst en muziek: Jean Senn /
uitvoering: Wim Sonneveld als Willem Parel)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Een duppie is een biesie,
Een kwartje is een heitje,
Een gulden is een piek en
Een rijksdaalder een knaak.
Een tientje is een joetje,
Vijfentwintig piek een geeltje
Maar hoe heet nou een lap van
honderd gulden ! ('Meier') Raak !
Refrein:
Poen, poen, poen, poen.
De een zegt geld, de ander money,
Maar wij zeggen: poen
Poen, poen, poen,
't Zal je gedacht zijn wat je
allemaal met poen kan doen.
Je hoort vaak zeggen dat geluk niet
te koop is,
Maar geld doet wond'ren vooral als
het een hoop is.
Een jongen is een gooser,
Een meisje is een grietje,
Wanneer ze aan de scharrel gaat:
Een kleurtje op d'r waffel,
Wat poeier op d'r snufferd,
D'r gooser zegt verliefd: "Nu ben je
net een Paapie Kraat !"
Terug
naar overzicht
Poes,
poes, poes (straatliedje van voor 1940)
(met
dank aan Marc Blokland (†) voor het sturen van de tekst)
Aan
mijn nachtrust lekker lak
Poes,
poes, poes,,,,poes, poes, poes
Zong
de kater op het dak
Poes,
poes, poes,,,,poes, poes, poes
Maar
de poulier werd hem de baas
En
verkocht hem gauw als een haas
Nu
ligt hij in de appelmoes
Van
je poes, poes, poes, poes, poes
Terug
naar overzicht
(uitvoering: Orkest Zonder Naam)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
In onze buurt komt af en toe een
muzikant
Van symphonie of jazz heeft hij geen
snars verstand
Maar op z'n trekpiano is hij een genie
Want heel de buurt zingt z'n melodie
van:
Refrein:
Pompernikkel, pompernikkel, zet 'm op
Pompernikkel, pompernikkel, wat een
mop
Dan klinkt z'n polka door de straat
En ieder huppelt op de maat
Pipa, pi
Pompernikkel, pompernikkel, nog een
keer
Pompernikkel, pompernikkel, speelt
alweer
En steeds dat ene liedje dat hij maar
kent
Pompernikkel, reuzevent.
Hij is uit onze buurt gewoon niet weg
te slaan
En z'n publiek zou hem ook niet laten
gaan
Hij heeft geen repertoire maar dat
verveelt hem niet
Hij maakt hen dol met dat ene lied
Van:
Refrein
Pipa, pi
Pompernikkel, pompernikkel, nog een
keer
Pompernikkel, pompernikkel, speelt
alweer
En steeds dat ene liedje dat hij maar
kent
Pompernikkel (pompernikkel),
pompernikkel (pompernikkel), reuze vent !
Terug
naar overzicht
Popje,
lief klein popje
(Tekst:
Andre Meurs/muziek: Jack Bulterman/uitvoering: Annie de Reuver)
Liesje
kreeg een aardig popje
Dat
zo heus echt kijken kon
"t
Had een schattig kroezig kopje
Waar
het ieders hart mee won
Maar
opeens werd het lieve popje
Toch
zo vreselijk, vreselijk ziek
En
dat bracht het kinderhartje
In
een werkelijke paniek
Als
ze haar pop naar bed toe bracht
Dan
zong Liesje o zo zacht
Refrein:
Popje,
lief klein popje
O
wat hou ik toch van jou
Popje,
lief klein popje
Zeg
eens waarom huil je nou
'k
Blijf toch bij je waken
Heel
de lange lange nacht
Dat
geen kwaad je zal genaken
Popjelief,
ik hou de wacht
Jaren
later lag in 't wiegje
Een
lief meisje rein en teer
't
Had een schattig kroezig kopje
En
het lachte telkens weer
't
Kindje had nu echte kleren
Die
je aan en uit kon doen
Mamma
zou het alles leren
Voor
een grote dikke zoen
Als
ze haar toedekt voor de nacht
Dan
zong Liesje o zo zacht
Refrein
Terug
naar overzicht
Precies
hetzelfde als hij (Tony Schmitz)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
`k
Had een tweelingbroer die ik hoog vereerde,
En
die ik in alles graag imiteerde.
Hij
kwam op de wereld op den zesden Mei,
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Mijn
broer was niet sterk en had veel te lijden,
Drie
ziekten gelijk had hij tusschenbeiden.
Mazelen,
de kinkhoest en de sprouw er bij,
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Vaak
kwamen wij thuis bij veel lieve nichtjes,
Alle
lieve, vriendelijke gezichtjes.
Mijn
broer zoende ze steeds allen op de rij,
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Later
ging mijn broer met een nichtje trouwen,
Daar
hij ‘t van de liefde niet uit kon houwen.
Hij
ging naar 't stadhuis met een hooge zij,
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Zoo
zijn wij getrouwd en de eerste nachtjes,
Gingen
nu voorbij ... ieder sprak heel zachtjes.
'k
Weet niet wat mijn broer tot zijn lief vrouwtje zei,
Maar
ik deed precies 't zelfde als hij.
Toen
wij elk een tweeling hadden gekregen,
Kwamen
wij als vaders elkander tegen.
Hij
sprak: "Neen maar, hoor ! nou laat ik het er bij",
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Onlangs
vroeg ik hem: "Wil me eens vertellen,
Kun
jij 't met je vrouwtje nog al stellen?"
En
hij sprak: "Ik wensch haar naar de Mokerhei."
En
ik deed precies 't zelfde als hij.
Terug
naar overzicht
Professor
swing
(tekst en Muziek: Henk v. Vorstenbosch/Hans Ninaber)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Muziek
is mooi, muziek is goed
En
dansen zit ons in het bloed.
U
hebt het vlug geleerd,
Dus
even geprobeerd.
U
gaat nu voor uw partner staan,
Dan
geven wij de maat wel aan.
Professor
swing gaat voor,
Dan
volgt het hele koor:
Refrein:
Een
— twee — drie is dat geen leuke melodie,
Vier
— vijf — zes een ieder krijgt hier gratus les.
We
spelen haar in vier-kwarts-maat,
Zoodat
het lekker swingy gaat.
Professor
Swing die leuke vent,
Komt
met zijn eigen band.
Hij
leert U dan op zijn manier,
De
echte jitterbug.
Je
danst en snaait met veel pleizier,
Reeds
bij het eerste stuk.
Zeev'n
— Acht — Negen — Tien,
Het
gaat zoo fijn, U zult het zien
Professor
Swing z'n "Harmonie",
Heeft
ieders sympathie.
Terug
naar overzicht
Punten
punten
(tekst en muziek: Johnny en Jones)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Behalve
onze nik'len, bronzen, zilv'ren, gouden munten,
Vraagt
nu het winkelpersoneel, Mevrouw waar zijn uw punten ?
Een
onderjurk, een stukje stof kunt U zóó niet meer halen,
U
moet behalve dubbeltjes, het volle punt betalen.
U
gaat natuurlijk niet voor alle punten sokken koopen,
Want
anders kan je net als Adam met een blaadje loopen .
Geen
overhaast besluit,
Tel
eerst je punten uit.
Refrein:
U
kunt zonder punten geen winkel binnen loopen,
U
kunt zonder punten geen interlockie koopen;
U
kunt zonder punten de straat niet meer op gaan,
Punten,
punten, daar komt het op aan !
We
zagen laatst een chique heer, zijn body vol met strepen.
We
zeiden toen tegen die man dat wij het niet begrepen.
Hij
sprak: "Dat is toch heel gewoon, ik imiteer de vrouwen,
Die
nu in plaats van kousen, potjes beenenverref sjouwen.
Ik
schilder op mijn naakte borst, mijn overhemd en dassen
En
als mijn kleeding mij verveelt, dan ga ik mij weer wasschen
.
Een
streepje of een ruit,
Geen
punt geef ik meer uit.
Refrein
De
dames konden ied're dag een nieuwe jurrek koopen.
Nu
krijgen zij er een per jaar, die pret is afgeloopen.
De
mannen zijn er mee gebaat: geen ruzie meer met vrouwen.
Het
kleedgeld lekker naar omlaag, een reden om te trouwen.
De
heele wereld die zit vol punten, niets dan punten,
Met
kruis, met tegen middelmis en distributie punten.
Een
punt nog tot besluit,
"Geef
goed je punten uit".
Refrein
Terug
naar overzicht
Que
sera sera
(Ned. tekst: Guus van Amstel/muziek:
Jay Livingston/uitvoering: De Selvera's)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Toen ik een heel klein meisje was
Vroeg ik mijn moeder : Wat zal ik zijn ?
Zal ik heel knap zijn en wordt ik rijk ?
Weet jij wat zij toen zei :
Refrein:
Que sera sera
Wat zijn moet, dat zal zo zijn
De toekomst die blijft geheim
Que sera sera
Wat moet zijn, zal zijn.
En toen ik al wat groter was
Vroeg ik de juffrouw : Wat zal ik doen ?
Wordt ik artiste of stewardess ?
Haar wijze raad was toen :
Refrein
Toen ik mijn hart verloren had
Vroeg ik mijn liefste : Weet jij wat ons wacht ?
Zal de zon schijnen, dag in dag uit ?
Mijn liefste zei toen zacht :
Refrein
En nu ik zelf al kinderen heb
Vragen ze : Moeder, wat zal ik zijn ?
Zal ik heel knap zijn en wordt ik rijk ?
Mijn antwoord zal steeds zijn :
Refrein
Terug
naar overzicht
Ramona
(tekst: Kees Pruis/muziek: M. Wayne,
L. Gilbert/uitvoering: Kees Pruis, 1928)
(met
dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Alles is donker om mij heen
Sinds het grootst geluk, wat met zij
verdween
Angstig staar ik in donk’re nacht
En m’n droeve ziel, uit een bange
klacht
Refrein:
Ramona nog komt me dikwijls voor den
geest
De tijd dat we zoo gelukkig zijn
geweest
En ik vraag dan, waarom toch
Ben jij gekomen in mijn bestaan
Jij bracht mij het zonlicht, dat nu
Voorgoed is ondergegaan
Ramona ik voel me dikwijls zo
bedroefd
Waarom heeft het noodlot mij zo
zwaar beproefd
Er is op de heele wereld voor mij
maar één vrouw
Ramona mijn leven hoort jou.
Die mooie tijd in mijn bestaan
Is als in een droom, mij
voorbijgegaan
Het geeft een voltooid mij het
beeld van toen
Al weer snel voorbij, geeft een
visioen.
Refrein: instrumentaal
Refrein: gezongen
Terug
naar overzicht
Ramona
(Willy Derby 1929)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Liefste
waarom ging jij van mij heen,
Jij
mijn eigen vrouw brak de eed van trouw.
Ik
voel me zo somber en droef alleen.
‘k
Zie steeds voor m’n geest hoe mooi het is geweest.
Refrein:
Ramona
keer terug weer bij je man en kind.
Ramona
ik heb slechts jou alleen bemind.
Ik
wil alles vergeten, het leed wat je mij hebt aangedaan.
Maar
laat me niet wachten en hoor mijn vurig smeken toch aan.
Ramona
jij bent voor mij het meest op aard,
Ramona
je kind is moederliefde waard.
Als
jij voor mij de ware liefde niet meer vindt,
Ramona
kom dan voor ons kind.
Geen
enkele daad bracht ons heel veel smart.
Misschien
heb je nu spijt om de kleine meid.
Als
ze om je huilt o dan breek me 't hart,
Als
je ook mij vergeet bespaar ons kind dat leed.
Refrein
Terug
naar overzicht
Rats,
kuch en bonen
(tekst: Ferry/uitvoering: Lou Bandy,
1939)
Deze
dagen hoor je klagen en wel duizend dingen vragen
Maar
doe niet zo zenuwachtig en hou je eendrachtig
De
gevaren die we ontwaren, zullen Nederland wel sparen
Geen
fanatisme, hou je optimisme
Elk
die zuchten laat, die sticht veel kwaad
Want
ons leger waakt en staat paraat
Niets
is er wat meer wreeft of wringt
't
Kokkie in de keuken zingt:
Refrein:
Rats,
kuch en bonen, is 't soldatendiner
Rats,
kuch en bonen, doe daar je maaltje maar mee
Steeds
is ons streven, vrijheid van grenzen tot strand
Hollandse
soldatenleven, voor 't vaderland
Wij
marcheren, derailleren, of we zitten te dineren
Als
't eventjes kan leien dan slaan wij aan 't vrijen
Want
de meisjes, kleine sijsjes, hebben liefdesparadijsjes
Een
bankje en een laantje, 's avonds bij 't maantje
Een
soldaat vindt gauw een goed gehoor
Hij
heeft bij z'n vrouw een streepje voor
Zij
weet Een militair heeft moed
Het
is een kerel, goed doorvoed
Refrein
Al
't sjieke, magnefieke, overdreven excentrieke
Wat
saldeert in doen en laten, dat haten soldaten
Maar
't ronde, oergezonde, echt oprecht en onontbonden
Blinkend
en faire is 't militaire
Die
symptomen vind je in de kuch
In
de rats en bonen weer terug
Zeg
wat je eet, m'n beste vent
En
ik zeg wie en wat je bent
Refrein
Terug
naar overzicht
Regen, regen, alles wordt nat
(met dank aan Jannie van 't Ende
voor het sturen van de tekst)
Refrein:
Regen, regen, alles wordt nat
Regen, regen 't lijkt wel een bad
Het klettert op je bol
En je schoenen staan vol
Die nattigheid maakt je zo dol
Stapeldol
Je komt dan dan verkreukeld
En vies bij hem aan
Je kan hem niet kussen
Blijft op het matje staan
Je voelt je zo ellendig
't Komt alleen door dat weer
Het regent, het regent al weer
Het Hollandse weer
Is een grillig festijn
We zoeken verlangend
Naar een glimp zonneschijn
We roepen Hoera
Maar 't duurt niet zo lang
De wolken pakken samen
En het klettert van belang
Refrein
Je filosofeert dan
Nou blijf ik eens thuis
Dan komt daar de zon
Ha ben je niet abuis
Verheugd denk je dan
'k Ga vanmiddag naar 't park
Maar nauw'lijks loop je buiten
Of het regent dat het stort
Refrein
Terug
naar overzicht
Regendroppen
Is
de hemel blauw
Of ook wel eens grauw
Wolken trekken als de uren snel voorbij
Of de zon ook schijnt en dan weer verdwijnt
Wees niet treurig denk blijmoedig steeds daarbij:
Refrein:
Regendroppen
Die aan je venster kloppen
Geloof het vrij
Die zijn een groet van mij
Zonnestralen
Die door je venster dwalen
Bedenk het blij
Die zijn een kus van mij
Zendt de maan weer blij zijn zilv'ren stralen
Wacht op mij mijn schat
Dan kom 'k je halen.
Regendroppen
Die aan je venster kloppen
Bedenk het blij
Die zijn een groet van mij
Als het voorjaar lacht
Met zijn bloemenpracht
De natuur ontwaakt dan weer vol poëzie
Ieder klokje klinkt
Ied're vogel zingt
Slechts die eene wonderbare melodie
Refrein
Terug
naar overzicht
Regimentslied
voor de Grenadiers en Jagers
(met dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Gaat op zij, vlug op zij,
Maakt den weg nu vrij !
't Zijn Grenadieren,
Ze lopen met vieren
Zoo trots op hun muziek;
Daar achter daar komen
De Jagers poddomen:
Die blazen magnifiek,
Op zij, op zij, den weg nu vrij !
De Grenadiers en Jagers gaan voorbij,
Op zij, op zij !
Ziet ze gaan langs Mauritskade,
De mensen denken: 't is parade !
Maar mis hoor, ze gaan langs den
anderen kant,
Naar links en langs stoomtram want,
De heren gaan tirailleren !
Blauw en groen gaan vrolijk daarhenen,
Eerst over grint en dan over stenen;
Ieder, die 't ziet, die moet nu wel
menen:
Zo'n Grenadier
Kent alleen plezier.
Maar aan het eind van de Waalsdorper
laan
Begint het vooraan al wat langzaam te
gaan;
Wat denk je wel, dat je aan 't einde
daar ziet ?
't Is zand en anders niet.
Op die vlakte, mijn heren,
Is het zoo heerlijk tirailleren,
En als je dan nog wilt attaqueren,
Ga je voor de mop nog de duinen op !
Terug
naar overzicht
Reisje langs de Rijn
(tekst André Meurs / muziek: H.
Sommer / uitvoering: Eddy Christiani)
(met
dank aan Gerard Engelbertink voor het sturen van de tekst)
Daarginds in het Rijnland daar drink
je die heerlijke wijn
Waarbuiten geen Rijnreis voor mij
compleet kan zijn
Als U er soms heengaat, wie heeft er
idee
Die heft daar zijn wijnglas en zingt
er mee:
Refrein:
Ja, zo 'n reisje langs de Rijn is je
ware
Alle jaren, wil ik daar zijn
En de Rijnse wijn doet je ervaren
Niets is zo fijn als 'n reisje langs
de Rijn.
Ik ben geen geleerde maar heb wel de
wijn bestudeerd.
En heb door te proeven er heel wat van
geleerd
De wijn van het Rijnland die is
opperbest
De meisjes er mooier, dan van de rest.
Refrein
Terug
naar overzicht
Rhum
en Coca-Cola
(Ned tekst: Rinus Niessen/muziek: Jeri)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Hebt
U wel gehoord van Trinadad ?
Daar
ligt men steeds in 't zonnebad !
Een
soort modern luilekkerland,
Het
parool klinkt daar van allen kant:
Refrein:
Drinkt
maar Rhum en Coca-Cola,
't
Drankje dat smaakt prima;
Iedereen
zelf Oma ,
Drinkt
maar Rhum en Coca-Cola !
Rhum
en Coca-Cola drinkt daar elk,
Precies
zooals bij ons de melk;
Daar
is men zuinig op z'n dorst,
En
wordt nooit een druppeltje gemorst.
Refrein
Is
een Trinidadsche Trees verliefd,
Dan
vraagt ze of j' een glaasje blieft;
Als
je het vuur van binnen voelt,
Word
je met zoo'n glas weer afgekoeld.
Refrein
Rhum
en Coca-Cola bij 't ontbijt,
Bij
lunch, diner en bittertijd;
Dan
voelt zoo'n Trinadees zich frisch,
Hij
gaat dood wanneer ie nuchter is:
Refrein
Trinidideezen,
die zijn monogaam,
Dus
man en vrouw doen alles saam;
Elk
echtpaar is dan in zijn hum,
Zij
drinkt Coca-Cola, bij de Rhum.
Refrein
Terug
naar overzicht
Rije rije rije in een jeep
(tekst en muziek en uitvoering: De
Spelbrekers)
(met dank aan Ingrid ouwerkerk voor
het sturen van de tekst)
Kitty is een vlotte meid
Heeft haar hart verloren
Aan alles wat maar heel hard rijdt
Dat kan haar slechts bekoren.
Ze was verzot op wielersport
En miste nooit een race,
Maar sinds de jeeps in Holland zijn
Heeft zij 'n Canadees.
Rije rije rije in een jeep
Wat gaat dat hard, je houdt geen adem over.
Rije rije rije in een jeep
Wat zit je zalig in een jeep.
Piet van Kempen is vergeten ,
Pijnenburg is van de baan,
Ze heeft nauwelijks gegeten,
Of ze trekt haar windjack aan.
Rije rije rije in een jeep,
Wat gaat zo'n kar toch heerlijk door de bochten.
Rije rije rije in een jeep,
Wat rijdt zo'n jeep toch magnifiek.
Pa vindt het wel opperbest,
Want hij wordt overladen
Met Goldflake, Players en de rest,
Mama zuigt chocolade.
Op een zondag ging het span
Uit rijden naar het bos,
Maar Pa en Ma die gingen mee,
Ze lieten zus niet los.
Rije rije rije in een jeep,
Wat gaat dat hard, je houdt geen adem over.
Rije rije rije in een jeep,
Wat zit je zalig in een jeep.
Ma loert rond met arendsblikken,
Wat doet die Canadees met zus,
Pa zit van zenuwen te hikken,
In elke bocht krijgt zus een kus.
Rije rije rije in een jeep,
Wat gaat zo'n kar toch heerlijk door de bochten.
Rije rije rije in een jeep,
Wat rijdt zo'n jeep toch magnifiek.
Ze kwamen in een theetuin aan
Daar zouden ze gaan zitten,
De oudjes waren doodvermoeid
En zaten dra te pitten.
Ze schrokken wakker van gebrom
En ze zagen met een schok,
Dat de jeep met zus en Canadees
Nu zonder hen vertrok.
Rije rije rije in een jeep,
Wat gaat dat hard, je houdt geen adem over.
Rije rije rije in een jeep,
Wat zit je zalig in een jeep,
Meisjes, hoort toch allemaal,
Al hebben wij geen jeep,
Een Hollander is ook een man
Waar jij van houden kan.
Rije rije rije in een jeep,
Wat gaat zo'n kar toch heerlijk door de bochten.
Rije rije rije in een jeep,
Wat rijdt zo'n jeep toch magnifiek.
(Piet van Kempen en Pijnenburg,
wielrenners op de baan)
(Goldflake en Players zijn bekende
Engelse sigarettenmerken)
Terug
naar overzicht
Ring king (smedersliedje)
(Julius J.B. Schrey 1870-1936)
(met dank aan Andreas Jaquet voor het sturen van de tekst)
Hoort gij dien ronk van ijzer
Ring kling ring kling ring kling kling
Nu luider en dan lijzer
Ring kling ring kling ring kling kling
'T Is in die smidse ring king kling
Dat ik te vrijen ging
Het aanbeeld spuuwde gensters
Ring king ring king ring king king
Een meisje wies de vensters
Ring king ring king ring king king
En ik vergat den ring king king
Al om dat lieve ding
Ik volg haar in de kamer
Ring king ring king ring king king
Daarnevens viel de hamer
Ring king ring king ring king king
De vader smeedde ring king king
Zijn dochterken een ring
Hij smeedde hem dat hij vaste
Ring king ring king ring king king
Op mijnen vinger paste
Ring king ring king ring king king
En dat er met ene ring king king
Zijn dochterke aan hing
Nu dicht ik voor mijn vrouwke
Ring king ring king ring king king
Een aardig dauw dauw dauwke
Ring king ring king ring king king
En zie 't is van de ring king king
Dat ik haar wiegeliedje zing
Terug
naar overzicht
Robert en Bertrand
(met
dank aan Staaf Baetens voor het sturen van de tekst)
Goedenavond dames heren, goedenavond
allemaal
Dat wij ons zo versteken is niet de
eerste maal
Wij zijn twee rare vogels, wij zijn
van 't zelfde bloed
Wij leven met politie op geen ter
beste voet
Refrein:
Want wij zijn Ro robert en Bertrand,
de flinkste doch knapste jongmans van 't land
Wanneer de ho ho honger ons kwelt, dan
gaan we op zoek naar meisjes met geld
Komt een agent (bis) op dit moment
(bis) wij zijn zo glad als een serpent
Robertrand Robertrand
Gekleed lijk edele heren nodigen wij
ons zelven uit
Op rijke mensenfeesten op zoek naar
rijke buit
Wij dansen met de dames, hun halssnoer
lokt ons aan
Komt de police opdagen we zijn reeds
ver vandaan
refrein
Pas op daar komt de nachtwacht
verbergen wij ons vlug
Een ogenblik mijnheren wij komen
straks terug
Ja burgers hoed uw duiten en waakt op
elke stond
Robert en Bertrand sluipen hier
zoekend in het rond
refrein
Terug
naar overzicht
Rode
rozen
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Rozen
op trouwdag dat is lang geleên,
Toch mag je zo’n dag nooit vergeten.
Maar de drukte van het leven dat brengt het vaak mee,
Dat moet je elkaar moet vergeven.
Maar dit is de dag, wij vieren het feest,
Op het samenzijn zovele jaren,
En hier zijn je rozen, het zijn er echt veel,
Ik heb lang genoeg kunnen sparen.
Refrein:
Rode
rozen, door mij gekozen,
Voor de schat, waar ik zo veel van hou.
Rode rozen, door mij gekozen,
Voor je liefde en je trouw.
Heel je leven aan mij gegeven,
En aan heel de kinderschaar.
Daarom krijg je rode rozen,
Een rode roos voor elk jaar.
De
roos van mijn leven was jij steeds, mijn schat,
Ik heb ze geplukt in de jaren.
Maar een roos met een doorntje kwam ook op ons pad,
Maar dat zullen wij samen bewaren.
Wij deelden steeds samen in lief en in leed,
Laat ons nu samen verpozen.
Ik ben heel alleen naar de winkel gegaan,
Ik kocht daar voor jou deze rozen.
Refrein
Terug
naar overzicht
Rode rozen, rode lippen,
rode wijn
(tekst: Jan en Henk van Dijk /
muziek: M. Harden / uitvoering: Het Orkest Zonder Naam/Fred Starewood)
(met
dank aan Gerard Engelbertink voor het sturen van de tekst)
Waarom is Italië een woord
Dat door zijn klank ieder bekoort ?
Steeds is het dat prachtige land,
Waar men naar t'rug verlangt.
Rode rozen, rode lippen, rode wijn,
Dat zal mijn herin'ring aan Italië
zijn.
Rode rozen, rode lippen, rode wijn,
Een blauwe lucht vol zonneschijn.
'k Verlang steeds weer om daar te
zijn.
Als in een stille nacht,
't Meisje van je dromen wacht,
En gitaren spelen zacht wat
tangomuziek,
Als dan een stem weerklinkt,
Die een lied van liefde zingt,
Is Italië als een droom, zo wonderlijk
schoon.
Terug
naar overzicht
Romeo
(uivoering: Petula Clark)
(met dank aan Ingrid Ouwerkerk voor het sturen van de tekst)
Wie is de man die mijn dromen beheerst
?
Leeft hij of is het maar schijn ?
Waar en wanneer zie ik hem voor het
eerst ?
Zal hij er werkelijk zijn ?
Wie is de man, die mijn leven
doorkruist ?
Zou hij charmant zijn en zo ?
Is het 'n lafaard, is het 'n held ?
Waar is mijn Romeo ?
Romeo, elke nacht droom ik weer van
jou.
Romeo, ik doe wat je verlangen zou !
Romeo, je bent knap en je bent brutaal
!
Romeo, je blijft altijd mijn ideaal.
Terug
naar overzicht
Roomsche blijdschap
(tekst en muziek: Dr. L.J. Sicking)
(met dank aan Jeanne Albers voor het sturen van de tekst)
Roomschen dat zijn wij met ziel en
harte,
Roomschen dat zijn wij met woord en
met daad.
Roomschen, wat onspoed of leed ons
tartte,
Roomschen tot eenmaal het stervensuur
slaat.
Roomschen in huis, Roomsch ook
daarbuiten
Schamen we ons nimmer d' eervolle
keus;
Lafheid noch vrees zal de lippen ons
sluiten;
Roomschen, dat zijn wij, dat is onze
leus.
Fierheid en blijdschap doorglanst ons
leven,
Wij zijn van adel en Christlijken
stam.
Moesten we in strijd of in lijden
sneven,
Niemand die ons ooit die blijdschap
ontnam.
Fierheid in 't oog, blijheid van
binnen,
Voeren wij krijg met vereenigd geweld,
Fier in het strijden en blijde bij 't
winnen;
Jezus de zege van oudsher voorspeld !
Anderen met ons ook de vreugd
geschonken
In Jezus' name der aard toegezeid,
Moge ook de vijand in liefde
ontvonken,
Word' hij een vriend in den heiligen
strijd.
‘Jezus de vreugd, blijdschap der
volken’,
't Ruische steeds breeder 't
wereldruim door.
Eens ga uw kruis, als 't verschijnt op
de wolken,
Ons Roomsche strijders in vreugdjubel
voor !
Terug
naar overzicht
Rosemarie
Refrein:
Wie is toch dat meisje met dat kuiltje in d'r wang, Rosemarie
Wil jij even met me dansen of ben jij soms bang, Rosemarie
Mag ik jou wat vragen, vind je mij niet te brutaal, Rosemarie
Oh, want jij bent mijn idi-idiaal, idi-idiaal, idi-idiaal
't Liefste meisje hier van allemaal, Rosemarie
Ja,
hoor ze weer spelen, onze dorpskapel
Dat schiet in de benen van elke vrijgezel
En niemand blijft achter wanneer de dans begint
Ze zoeken uit de meisjes, een mooi en aardig kind
Alleen
bij het spelen van onze dorpskapel
Krijgen de meisjes gewoonweg kippevel
Blondines, brunettes, al zijn ze groot en klein
Ze willen allen dolgraag bij 't dansen zijn
Refrein
Ik
ben tamboer-maitre bij onze dorpskapel
Soms zeggen de jongens; ik loop weer veel te snel
Maar ik wil als eerste in 't dorpscafeetje zijn
Want Roosmarie, dat is de dochter van de kastelein
Refrein
Rosemarie
Terug
naar overzicht
Rosemarie
polka
(uitvoering Eddy Christiani)
Refrein:
Wie
is toch dat meisje met dat kuiltje in haar wang, Rosemarie
Wil
je met mij polkadansen of ben jij soms bang, Rosemarie
Mag
ik jou wat vragen, vind je mij niet te brutaal, Rosemarie
Want
jij bent mijn idi-idiaal, idi-idiaal, idi-idiaal
't
Liefste meisje hier van allemaal, Rosemarie
Een
polka zo spelen als onze dorpskapel
Dat
schiet in de benen van ied're vrijgezel
En
niemand blijft achter, wanneer die dans begint
Uit
al die meisjes zoeken zij een kwiek en aardig kind
Ja,
die daar, wat een kans
Vraag
haar voor een polkadans
Refrein
(2x)
Terug
naar overzicht
Rotterdam
aan zee (Maurice Dumas)
(met
dank aan Inez voor het sturen van de tekst)
Goedenavond,
gij dames en heren
Mag
ik u even feliciteren
Rotterdam
is in een badplaats herschapen
Meisjes
en knapen
Zijn
dol verheugd
Ik
liep me hier heel de dag op te winden
'k
Zocht me gek en kon de zee maar niet vinden
Eindelijk
nam ik iemand mee
Naar
de Hoek, ach Herejee
En
dat was nou Rotterdam aan zee
Refrein:
Laat
de hele boel maar waaien
In
Rotterdam, daar kan je baaien
In
plaats dat ik nou Scheveningen een bezoek doe
Ga
ik met m'n vrouw 's zondags fijn naar de Hoek toe
Laat
de hele boel maar waaien
In
Rotterdam, daar kan je baaien
Nou
roepen alle mensen: "Wie gaat er met ons mee
We
gaan naar Rotterdam aan zee !"
In
Amerika had men het vernomen
Dadelijk
is een familie gekomen
Trots
de mijnen en vliegmachinebommen
Zijn
ze gekommen
Naar
onze zee
Na
lang zoeken zijn ze eindelijk, potdome
Op
de Kralingse Plas aangekome
In
een goudgeverfde trein
Nee,
daar wilden ze niet zijn
Want
ze vonden hier de zee te klein
Refrein
Had
ge ooit kunnen denken, m'n vrinden
Dat
we ons hier in een badplaats bevinden
Ga
maar kijken, het is heus geen grappie
't
Is maar een stappie
En
spotgoedkoop
Reken
maar, als j'om acht uur van huis gaat
Dat
je om twaalf uur dan vlak voor de zee staat
Binnenkort,
dan krijg je hier
Ook
een Kurhaus en een pier
En
dan zingt een ieder vol plezier:
Refrein
Terug
naar overzicht
Rotterdams
liedje
(met
dank aan Marc Blokland (†) voor het sturen van de tekst)
Ze
gaan d'r uit de keien die we haten
Die
gaan eruit, we krijgen asphalt straten
Ze
gaan d'r uit de keien die we haten
We
krijgen straten van geslepen glas
Dan
lopen de dames en de heren elk bijzonder
De
dames op het glas, de heren lopen d'r onder
En
kijk je dan naar boven 't kost geen rooie cent
Dat
voorrecht heb je als je Rotterdammer bent
En
kijk je dan naar boven 't kost geen rooie cent
Dat
voorrecht heb je als je Rotterdammer bent
'k
kocht laatst een hond die ik contant betaalde
En
hem voor vijf en twintig pop hem naar huis toe haalde
Pas
was ik thuis, wordt er aan de deur gebeld
Stond
de vent van de hondenbelasting voor mijn neus
Pas
is die vent de deur uit met mijn spie'n
Daar
komt de electrische tram die rijdt mijn hond in drieën
Daar
ligt zijn kop,,,daar ligt zijn romp,,,zijn achterend
Dat
voorrecht heb je als je Rotterdammer bent
Daar
ligt zijn kop,,,daar ligt zijn romp,,,zijn achterend
Dat
voorrecht heb je als je Rotterdammer bent
Terug
naar overzicht
Roverslied
(Eduard Douwen Dekker = Multatuli 1820 -
1887)
(met dank aan Jeanne Albers voor het sturen van de tekst)
Met mijn zwaard,
Op m'n paard,
En mijn helm op het hoofd,
Er op in ! En de vijand de schedel gekloofd,
En vooruit !
Op de weg,
Langs de heg,
Met een houw en een stoot
De dragonders verjaagd, en de markgraaf gedood,
Om de buit !
En die buit
Is mijn bruid,
Mij gekocht met m'n staal,
En ik voer, als een veer, met mij mee haar in 't zaâl,
Naar de grot !
Als de wind
Zo gezwind,
Jaag ik voort met mijn vracht,
En ik sla op haar schreien en kermen geen acht,
Wat genot !
En dan weer
Op-en-neer,
Rechts en links door het land,
Hier een villa verwoest, daar een klooster verbrand,
Tot vermaak !
En dan voort
Weer gespoord
Naar een nieuw avontuur,
En mijn reisweg getekend met bloed en met vuur,
Om de wraak !
Want de wraak
Is de taak
Van de koning van 't woud...
Die, alleen tegen allen, zijn scepter behoudt...
En banier !
Op, hoezee...
Wie gaat mee ?
Nu geen schepsel verschoond,
Nu de mannen gehangen, de vrouwen gehoond,
Voor plezier !
Terug
naar overzicht
Rozen
zo rood
(muziek Cy Coben/ uitvoering: Max van
Praag en Jany Bron)
Refrein:
Rozen
zo rood, rozen bij dozijnen
Talken
van liefde, la flibe l'amour
Always
en eeuwig, altijd
En
toujour
Er
was eens een meisje van negentien jaar
Ze
hield van de liefde en deed nogal
Aardig
wanneer ze een man zag op straat
En
voegde bij woorden direct maar
Gedachten,
in perken van eer en fatsoen
Ze
bloosde bedeesd bij een zalige
Ruiker
van rozen, uit eeuwige trouw
Na
het zeer tijd'lijke: ik hou van
Refrein
Ons
meisje ging toen met een heer naar een bal
Ze
dronk veel champagne en liep in de
Regen
naar huis in een wilde galop
En
kwam van de regen alras in de
Kerk,
waar zij huwde met veel pracht en praal
Maar
zie, na een wijle ging hij aan de
Slag
en met drank zocht hij elders z'n troost
Triest
bleef zij achter, alleen met haar
Refrein
Dus
meisjes, onthoud de moraal van dit lied
Hou
wel van de liefde maar trouw liever
Vlug
en kordaat met de man van je keus
Dan
neemt het noodlot je nooit bij
De
mantel der liefde, die glanst als vernis
Dus,
doe je best het gaat toch altijd
Goed,
als je let op de stem van je hart
Dan
gaat je liefdespad steeds over
Refrein
(2x)
Terug
naar overzicht