
Mijn laatste huis
Mijn allerlaatste huisje,
piepklein en heel gewoon,
zal ik alleen bewonen
't is maar voor één persoon.
Dat huisje, zonder hypotheek
en makelaar overbodig,
wordt niet gesubsidieerd,
dat is beslist niet nodig.
Niemand wil dat huisje kopen,
al viert de woningnood hoogtij.
Woningruil is uit den boze,
dat huisje is bestemd voor mij.
Het zal mij worden toegewezen,
als de tijd daar rijp voor is.
'k Hoef niet op de
woningwachtlijst,
dat bespaart veel ergernis.
Pasklaar wordt het afgeleverd
en van een kijkluikje voorzien.
Bij vier dagen open huis
kan men mij voor 't laatst dan
zien.
Daarna wordt mijn kleine huis,
'zes planken van 't goedkope
soort'
hermetisch afgesloten
en ik kan wonen,...ongestoord.
En als de tand des tijds gaat
knagen
en mijn kleine huis verweert,
zal er niemand zijn die
voorstelt
dat het wordt gerenoveerd.
Geen mens zal mij daar ooit
bezoeken,
niemand gaat er met mij mee.
Want in mijn allerlaatste
huisje
is geen plaats voor twee...
Eve Sluis-de Bruin
25 oktober 2011
|
|

Waarom
Waarom, waarom, de vraag vol van smart
De zon brandt op zijn verbrande huid
Waarom mijnheer, moest zij sterven
De onschuld, mijn voorbestemde bruid
Betast door vele handen in de straat
De omwikkeling getuigt het leed
Haar eens feestelijk bruidsgewaad
Nu haar smetteloze witte doodskleed
En hoog in de met rook besmeurde lucht
Wacht de zwarte vogel op haar ziel
Hij brengt haar naar hoge hemelen
Bevrijd spreidt zij haar vleugels
En ontwijkt nog enkele raketten
Ivan Grud
23 oktober 2011
|
|
Eeuwigheid
Immer en altijd, was en is er de
obsessie,
om de dood te omzeilen, voor een
eeuwig leven,
velen hebben zich daarop stuk
gebeten, maar omdat
het niet lukte, hebben ze het
nooit kunnen beleven.
Toen hebben ze een troost bedacht,
het geloof, zodat we
na de dood met een geestelijk
leven verder konden gaan,
eeuwen lang is het gelukt om zo te
denken,
in wezen, is het de basis geworden
van ons bestaan.
Doch ook werd het een
struikelblok, in bijna alle landen,
vaak geworden, de oorzaak van een
conflict,
niet vanwege de standpunten, maar
meer
het niet willen accepteren, van
elkaars inzicht.
Het is jammer, we moeten ermee
leven,
niet alles kunnen en zullen we
overwinnen,
dat is het lot van het mensdom.
laten we er dus maar niet aan
beginnen.
De strijd om het leven na de dood,
die hebben we voor altijd
verloren,
dat is een ding wat zeker is, als
weer een nieuw leven wordt
geboren.
Nooit, met de dood, wordt het een
gewonnen duel,
doch eeuwig en altijd zullen we
die strijd verliezen,
nimmer zal er ooit iemand victorie
kraaien,
helaas, we halen zelfs nooit eens een remise.
Pieter Haarsma
18 oktober 2011
|
|
Repelsteeltje
Weet je al van Repelsteeltje ,
hoe ze is met moeders hoed
Stond te draaien en te pronken
zoals een echte pronkster doet.
Zelf had ze een sjaal met
kantjes nuffig om zich heen gedaan
En zo was ze voor de spiegel op
twee kussentjes gaan staan.
Met één spiegel in haar handje
en een spiegel aan de wand
Vroeg ze aan haar kleine
broertje,
ben ik nu het mooist van ’t
hele land?!
Ben ik nu geen echte dame
Zie ik er nu niet netjes uit
Nee, zei het jongetje, het
mocht wat
Nee, je bent een ijdeltuit.
J.W
Saman–Verkamman
23 september 2010
|
|
De droom
In het huisje tussen het groen
Bedekt met druivenranken
Gaf ik haar de eerste zoen
We dronken toverdranken
Haar lippen smaakten naar jasmijn
Heel warm en sensueel
Ze kleurden rood als karmozijn
Als rozen in 't struweel
Heur haren stroomden als een beek
Verdronken haar gezicht
in zonnestralen en het leek
Als aanschouwde ik het licht
Haar ogen schitterden als glas
Onpeilbaar diep, ik baadde
Daarginder op het zonterras
Als in een bad van jade
De stem van haar zeer harmonieus
Bekoorlijk, zacht en teder
Ze was in alles gracieus
Als twijgjes aan een ceder
Nu dwarrelt ze licht door de lucht
Beschenen door de zon
'k Zag haart vertrekken met een zucht
Ginds naar de horizon
Ik was haar kwijt voor ik haar had
De droom helaas niet echt
Maar komt ze op mijn levenspad
Is ze bij mij terecht.
Herman
Poelsma
13 oktober 2011
|
|
Tussen de regels
Tussen
de regels door
Zoek ik wat ik verloor
Alles is verdwenen
God, waar moet dat henen
Kon ik maar geloven
Dat ontrecht,eens zal doven
Het verdriet, de pijn
Hoe zal de verlossing zijn
Velen zijn ons voorgegaan
Heel ver hier vandaan
Ze zijn weggegleden
Weg uit het heden
De herinneringen blijven
Ik beleef mijn leven
Door ook Liefde te geven
Waarom dan toch ben ik bang
Ga ik gebukt onder dwang
Het ja, nee en amen
Komen te vaak samen
Ik kan me niet verroeren
Zonder dat ze me de mond snoeren
Gelijk krijgen is uit de maat
Dus blijf ik maar bedaard.
L. van
Doorn-Feenstra
13 oktober
2011
|
|
Herfst
Het word Herfst de dagen korten weer
De Zomer is zo snel verstreken
Het doet mijn harte zeer
Maar als de zon nog even schijnt,en de laatste bloem laat gloren Denk ik
,,het zal zo zijn,, De Herfst word weer geboren.
Met zijn koperen kleurenprachten
en heldere sterrennachten.
Ook dit kan de mens beroeren
en naar verre vertes voeren
Waar het zonlicht door je haren glijd
En je Herfstig hart verblijd.
Dineke Kok
13 oktober 2011
|
|
Te gehaast
Te gehaast kwam
hij naar binnen,
een man van hoge rang en stand.
Hij was behoorlijk buiten zinnen,
ik vroeg wat is er aan de hand.
Mijn leven zal niet lang meer duren,
voor God in 't leven weinig tijd.
Ik denk nu aan m'n laatste uren,
'k ben mijn laatste houvast kwijt.
Ik vroeg of hij een bijbel had,
pak die van mij maar van de kast,
Eens had hij er één gehad,
pakte het boekwerk als z'n anker vast.
Na maanden zag ik hem toen weer,
ik wist, dit was de laatste keer.
Naar God zei hij was dit mijn brug,
en gaf mijn bijbel met een knipoog t'rug.
Anton van der Haar
10
oktober 2011
|
|

Spelen op straat
Wat zou ik graag weer kind willen
zijn
en spelen op straat, wat lijkt me
dat fijn
Met alle kinderen uit de buurt
Het heeft helaas veel te kort
geduurd.
Graag zou ik weer spelen met
knikkers van klei
Won je een stuiter wat was je dan
blij
zo'n glazen met kleurtjes, of een
ster erin
Verloor je, dan had je de smoor
er wel in.
We maakten ze zelf, die knikkers
van klei
met aarde en een kleurtje erbij
Dat kleurtje maakte je van rode
steen
die schoof je over de stoeptegel
heen.
Je rolde de kleiballetjes door
het stof
en liet ze dan drogen, soms werd
het een sof
Dan ging het drogen van de
knikkers te snel
en vielen uiteen, al bij het
eerste spel.
Wat zou ik graag weer hoepelen
gaan
met een fietswiel zonder band
eraan
Je kleide je wiel met een stok
door de staat
en maakte een wedstrijd wie het
hardste gaat.
Wat zou ik graag weer willen
tollen
Al tollend door de straat heen
hollen
Je zweep was een stok met een
veter eraan
De tol was van hout met 'n taas
onderaan.
Wat zou ik graag met houten
schaatsen aan
weer naar de ijsbaan
''Voorwaarts'' gaan
waar je kon zwieren op muziek met
sfeer.
Maar helaas zwieren doen ze nu
ook niet meer.
Wat zou ik graag de liedjes
willen zingen
die we zongen bij het
touwtjespringen
Weer slaan op de muur van een..
twee.. drie.. kom
Of wegkruipertje, tien..
twintig..ik kom !
En trefbal, siemelejapie, sliep,
sliep scharensliep !
Wat had je het land als je moeder
riep,
Dan moest je boodschappen doen of
naar bed
en was het voor die dag uit met
de pret.
Wat zou ik graag de polder ingaan
en tot mijn enkels in de blubber
staan
Slootje springen en dan heel
stoer
appeltjes stelen bij een boer.
Stekelbaarsjes vangen of
kikkerdril
Je deed ze in een potje en zat
urenlang stil
met je rug tegen de keukenmuur
aan
Te kijken, hoe uit het dril een
kikkertje kon ontstaan.
Wat zou ik graag weer belletje
trekken bij tutje Stap
of poortje klimmen voor de grap
Luilak vieren, je nam lege
blikken met een touwtje eraan
die je flink over de keien liet
gaan.
Wat zou ik graag weer tegen de
muur ballen
met drie tegelijk, zonder te
vallen.
Weer spelen in de kring
met kleine Anna er majesteitelijk
er middenin.
Spelletjes spelen van kat en muis
zingen in Holland staat een huis
zakdoekje leggen niemand zeggen
rupsen zoeken in de heggen.
Wat zou ik graag weer stabal doen
en het oude knikkerspel van toen.
Boompjes verwisselen op
straat.....
Wat jammer dat het allemaal niet
meer gaat !
Corry
13 juni 2011
|
|
Fanmail
Ik ben een fan zoals zo velen
ik aanbid zelfs mijn idool
zijn folders loop ik uit te delen
fan vanaf groep vier op school
Zoals een echte fan betaamt
wil ik alles van hem weten
trekt volle zalen dat beaamt
dat hij nog lang niet is vergeten
Maar zijn populariteit ten spijt
maakte de spons te zuur
in vroeger dagen van de tijd
gingen zijn fans nog door het vuur
In catacomben en arena’s
werden de fans gehoond, vermoord
door leeuwen, tijgers en hyena’s
de naam van hun idool gesmoord
Ik bid dan vurig en met kracht
waarom er zoveel mensen huilen
zijn bekendheid geeft toch macht
waarom dat masker, dat verschuilen
Vermanend klinkt er in mijn hoofd
ben jij wel echt een trouwe fan
één die in hart en ziel gelooft
dat ik zal blijven wie ik ben
De dwaas die raaskalt zonder hart
ze zijn slechts fan voor hun plezier
om niet te vallen in dat gat
met smeergeld van toiletpapier
Bankiers die denken dat ze god zijn
de schijn die zweemt van hun gelaat
die zogenaamde fans met schijn
hun hebzucht kent totaal geen maat
Door hun godvergeten macht
kijken zij naar niemand om
ze hebben zelfs de zon verkracht
was getekend:
info@God.
Anton van der Haar
6 juni 2011
|
Er zijn gevoelens die men niet vermijdt
niet alles gaat onder in vergetelheid
dat wat ons heeft verlaten
in smart en pijn kan men niet kwijt
men verdrinkt in het verdriet
en komt met hoop naar boven
wat ons verliet is geschied
is het een afscheid voorgoed ?
niemand kan je een weerzien beloven
en niemand die het verbiedt.
|
in het oog van 't gezicht
de rouw reeds in de mond gelegd
het lichaam dat zich niet wou verder dragen
de urne met het weinige as
de stilte haakt zich reeds
4 juni 2011
|
|

De tunnel
Ik zie het licht,
ik ga jullie verlaten
De chirurg fluistert,
doe deze lamp dan nu maar uit zuster.
Ivan Grud
4 juni 2011
|
|

De dood en de meid
Het is je tijd
Zei de dood tot de meid
Laat je nu gaan je hebt
Geen recht meer van bestaan
Maar zij, wulps jong en mooi
Gaf zich niet zo maar ten prooi
Ze had wel erger mee gemaakt
Werkte immers als een lichtekooi
De dood een onbetalende agressieve
klant
Trok naakt ongenaakbaar aan haar
hand
Mee zal je gaan jij hoer, vunzige
‘Slet’
Ik heb behoefte aan een lekker ding
in mijn bed
De moraal van dit gedicht
Wees alert op uw tijd
De dood is onbetrouwbaar
Leeftijd onbelangrijk als het maar
vrijt.
Ivan Grud
4 juni 2011
|
Laat de stilte in uw wezen gedijen
de wolken waarin zon en maan verdwalen
de bergen aan de horizon verdwijnen
de stilte laat mij achter in mijn eigen " ik "
en gedachten glijden weg, naar zoete dromen
Jeanne Coosemans
2 juni 2011
|
|
In de schaduw van het licht
de duisternis geopend door vermoeide ogen
beseffen niet hoeveel tijd nog te gaan
de dagen maken geen ommekeer
het dringt niet door, een einde dat nadert
de tijd,.....wat is tijd
jaren, maanden, weken, uren
één dag, het kan wel eens de laatste zijn
er is nog zoveel te doen
hélaas, de tijd laat het niet toe
als deze regels geschreven worden
"Ik ben zo moe
al wat ik vraag is een rustige slaap
en dromen van hen die ik lief heb"
is er een vriend gegaan
Jeanne Coosemans
2 juni 2011
|
|

Hemelvaart
De Opstanding van onze Heer
leert ons geloven keer op keer
dat ook wij opstaan uit den dood
al was ons Offer niet zo groot
Ook onze Ziel zoekt zijn bestaan
rondom geliefden voor 't zal gaan
naar Jezus aan Gods Rechterhand
te Zijn in Het Beloofde Land
Dit Goddelijk Hemels Paradijs
dat Hij voor ons verwierf
Het grootste Offer ooit gebracht
toen Hij aan 't Kruishout stierf
Uit Goddelijke Liefde
tot de Vader weer gegaan
dit ondoorgrondelijke Wonder
geeft ons Het Eeuwige bestaan
Anton van der Haar
29 mei
2011
|
|

Later
Als kind gelukkig, zonder zorg,
je weet Hij staat steeds voor je borg.
Here houdt ook deze nacht,
over mij getrouw de wacht.
Als puber staat je hoofd heel stug,
en God verdwijnt steeds meer uit beeld.
Wilt naar het kind zijn nooit terug,
je weet niet waar het hem aan scheelt.
Dan val je in dat zwarte gat,
de tijd waarin je God vergat.
Het leven bruist je tegemoet,
je denkt dat alles kan, niets moet !
Als later..., met een zwaar gemoed,
je 't leven dunnetjes overdoet,
Dan denk je, in die "tussentijd",
raakte Hij.... mij toch niet kwijt.
Anton van der Haar
24 mei
2011
|
|
En dan
En dan
zou ik
een
woord
uitvinden
dat zo mooi
was dat het
fluisterend
de wereld
rondging
en dan
zou jij
weten
dat het
voor
jou was
Chris
Roodhooft
14 mei
2011
|
|
Heer, ik hoor van rijke Zegen
Heer ik hoor van rijke Zegen,
aan 't einde van een levensreis.
Met God door stormen en door regen,
word je stil aan oud en wijs.
Heer ik hoor van rijke zegen,
met God reis ik naar 't einde toe.
Wil mij nog vele jaren geven,
ik ben nog lang niet levensmoe.
Heer ik hoor van rijke zegen,
het leven heeft nog zo veel zin.
En als U mij de kracht wilt geven,
begin ik steeds een nieuw begin.
Heer ik hoor van rijke zegen,
en dank U Heer voor elke dag,
dat ik Uw gunsten af mag wegen,
met tijden van verkeerd gedrag.
Heer ik hoor van rijke zegen,
ik weet dat mijn Verlosser leeft.
en op een dag kom ik Hem tegen,
geeft al zijn zegen die Hij heeft.
Anton van der Haar
11 mei
2011
|
|
Dromen
Soms staar ik dromend voor
mij uit en
denk daarbij aan jou en
hoop..
dat ik mag blijven dromen.
Jan
Schalkwijk
3
mei 2011
|
|
Stilte
Soms word ik omarmd door stilte
en
voel mij gekoesterd in mijn eigen
leven
waarbij mij duidelijk door het kloppen
van mijn hart
het ritme daarvan wordt bepaald
doch soms
verstoort het geraas mijn eigen
ik.
Jan
Schalkwijk
2
mei 2011
|
|

Weer thuis
Lagi pulang !
Dromend zit ik bij de kali
en zie dat zij haar
water
als een levensader doet stromen
naar een zee vol toekomst,
ik raak daarbij bedwelmd door
de zoete geur van de melati
gedragen door een wind
doordrenkt met meer verleden,
Ik voel mij gelukkig en
omklemd door het warme gevoel
weer thuis te zijn.
Jan
Schalkwijk
2
mei 2011
|
|

Mijn Insulinde
Genietend van de winterzon verzink ik
in gedachten en voel ineens
de stilte van het leven en zie mijzelf
als in een droom wandelend door de
dessa en aanschouw de tani met zijn karbouw
werkend in zijn sawah en hoopvol uitzien naar
een rijke oogst,
Ik voel een zachte wind die
mij laat horen
het ruisen van de al rijpe aren
der eertijds geplante padi en
ruik de geuren van kruiden en melati
der herinnering,
Ik zie de zon roodstralend onder gaan
achter bergen gesierd door
vulkanen waarbij hun
sinistere schaduw een blik werpen
naar een onzeker bestaan,
Ik hoor de jangkriks zingen
alsof honderden koren
mijn droombeeld wilden illustreren
als een gordel van duizend smaragden,
Nu zie ik jou wat eens was
mijn Insulinde, mijn koesterende droom met
droevend hart en stille hoop,
Denkend aan jou, gekoesterd
door de schaduw der waringin die
vanaf zijn blad, een drup laat
vallen op mijn gelaat en
voel daarbij, dat jij mijn Insulinde,
geworden tot gebroken parelsnoer,
in stilte huilt.
Jan
Schalkwijk
2
mei 2011
|
|

Bliksemschicht
Die dag toen ik jou ontmoette werd ik
als door een bliksemschicht geraakt,
voelde even alsof ik de weg kwijt was,
door spanning overmand,
was laaiend en niet meer die
ik maar hij die
bijkwam in een oase vol liefde
Jan
Schalkwijk
2
mei 2011
|
|

Pasen
Het is volbracht!
klinkt door het Goddelijk heelal,
satans macht totaal ontkracht,
voor wie Zijn bloed eens drinken zal.
Het is volbracht!
het duister valt in de gescheurde aarde,
de Vader toont zijn grote macht,
die de verlossing openbaarde.
Het is volbracht!
voor wie zich eens verloren dachten,
zij mogen delen in Zijn kracht,
verlost van de mystieke machten.
Het is volbracht!
't gebroken lichaam aan het kruis,
in brood en wijn vandaag herdacht,
door 't open kleed een veilig thuis.
Het is volbracht!
de beker ging Hem niet voorbij,
als hoeksteen mateloos veracht,
Zijn offer maakt van zonden vrij.
Anton van der Haar
20
april 2011
|
|

Morgenstond
Indien u het avondrood schuwt
Angst heeft voor de komende
duisternis
Is de noodzaak nimmer te sterven
Ivan Grud
19 april 2011
|
|

De zwerver
Een dorstige mond raakt de fles
trillende handen die hem dragen
in lompen gehuld, schoenen kapot
Hij likt zijn lippen en kijkt in het rond
een schrille toon weerklinkt
een geldstuk valt in de hoed
even later raakt zijn mond de fles
die hij met trillende hand draagt.
L. van Doorn-Feenstra
18 april 2011
|
|

Vliegtuig in ogenschouw
Zilveren vogel in de lucht
Blijf je wel boven
Je vleugels bewegen constant
Bestuurd door mensen hand
Zilveren vogel in de lucht
Vlieg naar verre
Drijvend op motorkracht
Door mensen bedacht
Zilveren vogel in de lucht
Straks zal je weer landen
Veilig op de landingsbaan
Je zal in volle glorie staan
Zilveren vogel uit de lucht
Ben je een fraai geheel
Menigeen slaakt en zucht
Na een behouden vlucht
L. van Doorn-Feenstra
18 april 2011
|
|

Judas
Waarom kreeg ik dit toebedeeld
mijn Meester te verraden
is dit lot mij toegespeeld
tot gruwelijke daden
Hem te verraden met een kus
kan niemand overleven
de zilverlingen en een lus
is wat er over is gebleven
Was ik zwak doch uitverkoren
voor de vervulling van Gods plan
mijn liefde had ik Hem gezworen
toen Hij mij terzijde nam
Gij zijt het klonk als een bevel
niets kon mijn geest verlichten
ik wist ik moet nu door een hel
van kwaad de beulen gaan berichten
Ik heb mijn Meester lief gehad
toch pleegde ik verraad
de Zoon des Mensen bracht mij smart
o God vergeef mij deze gruweldaad.
Anton van der Haar
18 april 2011
|
|

Max
Als een vlinder in de wind
Zie ik jou mijn lieve kind
Frank en vrij
licht en zwevend,
Niet bij ons , maar toch levend
in onze herinnering.
Want je was zo'n lief klein ding.
Maar je lichaam wilde niet
Dat doet ons allen veel verdriet.
Daarom wil ik even laten weten
Dat we je nooit zullen vergeten
Coby Haest
16 april 2011
|
|

Helden
Gedragen over de velden,
gaat mijn stil gebed.
over gestorven helden,
hun leven ingezet.
Voor vrede en voor vrijheid,
ver van huis en haard.
het was voor hun geen ijdelheid,
maar alleszins de moeite waard.
Te sterven voor je medemens,
vereist de grootste moed.
naastenliefde kent geen grens,
vrijheid is je grootste goed.
Knielend voor een houten kruis,
bid ik voor zijn behoud.
hij vond bij God een veilig thuis,
zijn graf zo kil zo koud.
Anton van der Haar
11 april 2011
|
|
Litanie der aarde
Stralende zon
verlicht ons
Opkomende maan
verlicht ons
Sterrenstelsel
verlicht ons
Bloeiende bloemen
verblijd ons
Groeiende bossen
verblijd ons
Uitstrekkende weide
verblijd ons
Opkomende granen
voed ons
Gezaaide groenten
voed ons
Voldragen vruchtbomen
voed ons
Vogels in de lucht
vermaak ons
Dieren op de grond
vermaak ons
Vissen in het water
vermaak ons
Groten zeeën
was ons
stromende regen
was ons
Donder en bliksem
verlaat ons
Storm
verlaat ons
Voor aardbevingen
behoed ons
Voor vuur
behoed ons
Voor overstromingen
behoed ons
Voor verdorring
behoed ons
O heerlijke dagen
geef ons de vrede
O langen nachten
geef ons de rust
O heerlijke schepping
geef ons vreugde
O wachtend einde
geef ons troost
L. van Doorn -Feenstra
7 April 2011
|
|
Papa en mama
Jullie weten dat ik altijd van jullie zal houde.
In warme tijden en in koude.
Zulke geweldige ouders gun je iedereen.
Met zulke ouders voel ik me nooit alleen.
In mijn leven.
Zullen wij als gezin nog veel beleven.
Wij blijven altijd èèn.
Ook al doen we soms tegen elkaar gemeen.
Soms doe ik flauw.
Maar jullie weten altijd dat ik van jullie hou
Domenica
4 April 2011
|
|
De vier jaargetijden
Herfst en Winter / Lente en Zomer
Kale bomen staren bedroefd in de
lucht,
Begrijpelijk want alle blaadjes zijn op de vlucht.
De winterperiode komt er nu spoedig aan.
En de bomen blijven nog lang zo staan.
De nachten zijn donker koud en lang,
En zo gaan de herfst en de winter hun gang.
Geeft het voorjaar straks weer wat meer licht,
Gewis dan is voor ons allen de lente weer in zicht.
Iedereen roept dan weer opgelucht en blij,
Herfst en winter zijn gelukkig weer voorbij
Lente en zomer staan weer voor de deur
Je ruikt het aan hun nieuwe blaadjes en aan de geur.
Kijk dan ook eens naar de stand van de zon en maan,
Mens en natuur kunnen er dan weer tegen aan.
En 's morgens bij het eerste ochtend gloren,
Zeg je..hé een nieuwe dag, ik voel me weer als herboren.
Mathieu Clemens
2 April 2011
|
|
Pniël
Een worsteling met God,
laat ongewis zijn sporen na.
een litteken, een zichtbaar lot,
waarmee ik door het leven ga.
Niet dat het mij zozeer benauwt,
je zoekt die onbewaakte grens.
die nacht waarop je Hem aanschouwt,
was immers toch mijn diepste wens.
Ik zocht zijn onmisbare zegen,
het zegel van verbondenheid.
met mij te gaan langs ongebaande wegen,
een leven lang, met Zijn aanwezigheid.
Anton van der Haar
31 maart 2011
|
|

Snipperdag
Heer, als het even mag
Neem ik vandaag een snipperdag
Want Heer, ik ben zo moe
Mijn geest is aan rust toe
Even niet denken en doen
Vandaag pantoffels, geen schoen
De wereld is me teveel
Ik ben moe van het geheel
L. van
Doorn-Feenstra
28 maart 2011
|
|
In een droom
Zijn Woorden kwamen van heel ver
in stilte kon ik ze verstaan
omhoog kijkend zag ik een ster
het bewijs van Zijn bestaan
Zijn Woorden kon ik vergelijken
met een kalme spiegelzee
en om mij geestelijk te verrijken
nam Hij mij een stukje mee
Ik zag het land van melk en honing
als kind liep ik aan Vaders Hand
Hij zei hier bouw ik eens mijn Woning
dit is Het Beloofde Land
Hij bracht mij terug vanwaar ik was gekomen
glashelder onderweg zag ik Het houten Kruis
eens sprak Hij mag ook jij hier komen wonen
de Weg is voorbereid naar een veilig Thuis.
Anton van der Haar
25 maart 2011
|
|
Er is nog tijd
Er is nog tijd je leven in te
richten,
te kiezen voor de Heer.
Je geest door Hem laten verlichten,
Hem te ontmoeten bij het meer.
Het meer waar Hij ons roept : volg Mij,
Ik maak u vissers van de mens.
Als jij mij volgt dan keert het tij,
Je leeft niet meer naar eigen wens.
God is een keus, Hij geeft nog tijd,
het is aan jou om te bepalen.
Je pakt nu de gelegenheid,
Zijn rijkdom naar jou toe te halen.
Ongebonden maakt zo triest,
het tijdsbeeld duurt slechts even.
En als je dan voor Jezus kiest,
beslist Hij mee in heel je leven.
Maar wat is mooier dan te delen,
je leven met de Zoon van God.
en steun kunt vinden bij zo velen,
als je getergd wordt door het lot.
Al maakt het leven je verbolgen,
loop dan niet weg blijf bij de Heer.
't Is nooit verkeerd om Hem te volgen,
die tijdslimiet krijg je nooit meer.
Anton van der Haar
24 maart 2011
|
|

In de spiegel
Het is al weer een jaar of wat
geleden,
dat ik – oh, hoe was ik in schuld verloren ! -
terwijl die Farizeeër het kon horen,
aan U oprecht mijn zonden heb beleden.
‘k Ben toen opnieuw geboren
en nu, verlost van al mijn weeën,
dank ik U dat ik niet ben
als die Farizeeër.
Jan Bosman
22 maart 2011
|
|
Mijn moeder
Haar hand....
beweegt niet meer
het laatste stervensuur
er is geen ommekeer
De pomp hijgt door
verder is het stil
de glans op haar gelaat
alsof ze niet meer bestaat
Hoe stil is alles straks
in die grote stille kamer
waar zij haar toegewijde liefde en zorg
in schaterlach met leed verborg
Verloor haar kleindochter van drie
had geen toekomst meer
ging langzaam naar het einde
op zoek naar de kleine van weleer
gekweld door heimwee en verdriet
door verlangen naar haar kind
geknakt als het gebroken riet
God was er toen heel even niet
Reeds was ze weggenomen...
een traan die nog uit haar rechteroog
over haar wang heen gleed zei dat
haar innerlijke wens was uitgekomen
Ondoorgrondelijk zijn Gods wegen
later.... heel veel later
als je zelf veel ouder bent
strekt alles misschien tot Zegen ?
Anton van der Haar
20 maart 2011
|
|

Beatrice
Zij loopt niet.
Zij ruist van rokken
en vleugjes vers bezwijmelende geur.
Haar ogen zijn van waarheid,
zonder woorden,
Naakt als verterend vuur
doen zij mij beven.
Geen stap doe ik meer
zonder haar.
Hoe kan ik hier
Haar geur
Haar ogen
haar licht
beschrijven?
Soms
doet schoonheid pijn.
Ook al ben ik,
Aardig van stem en
loop ik verend
en ben ook niet
de lelijkste dichter.
In haar licht
ben ik klein.
Ja
ik heb het opgegeven
in de zon
te kijken
en
reik naar schoonheid
terwijl
haar licht
in mij leeft.
Doelloos ga ik
verder
en weet waarom ik leef.
Willem van
Bardewijk
18 maart 2011
|
|

Stilte
De Stilte die jij geeft
Is zo leeg, zo leeg
De weg is moeilijk
Vol hindernissen
Een snik welt op
Mijn ogen
Zijn droog, zo droog
Ik ben geslagen
Door jouw zwijgen
Door jouw afwijzing
De stilte
Is kil, zo kil
Afwachtend op ’n teken
Een woord van jou
Blijf ik angstig
In die stilte
L. van
Doorn-Feenstra
17 maart 2011
|
|
Niets te zien
Ik wilde dat ik niets wist
Niets had gezien
Soms is niets zien beter
Maar ik zie
Ik zag wat ik zag
Wel of niet weten
Beter is het om niet te weten
Want wel weten
Levert problemen op
Van het weten
Omdat ik weet wat ik zag
Wil ik vertellen
Wel of niet vertellen
Het niet vertellen
Levert spanning
Het wel vertellen ’n gevoel
Klikspaan te zijn
Had ik het niet gezien
Dan wist ik het niet
Nu ik het weet
Is het een punt
Met het onbehagen
Het te weten.
L. van
Doorn-Feenstra
17 maart 2011
|
|

Een wiegje
Een wiegje in de hoek
van het kamertje
met gordijntjes, die door de wind zachtjes worden bewogen
in het wiegje de baby met een zuigend mondje
sabbelend op een speen
zijn knuistjes naast het hoofdje
de oogjes half gesloten
zo slaapt het zijn gezondheid slaapje
het mobieltje met de beestjes draait onder een vrolijk wijsje boven zijn
hoofdje
slaap kindje slaap
L. van
Doorn-Feenstra
17 maart 2011
|
|
Als christen leven
Als wij niet alles los zullen laten
Wat zal het dan baten
Om als christen te leven
Je zult jezelf moeten geven
Laat los zegt de Heer
Maar steeds besef je weer
Dat je niet mag leven voor jezelf
Jezus gaf voor ons zichzelf
Aan het kruis voor onze zonden
Nu zijn wij niet meer gebonden
Jezus heeft ons aangeraakt
En voor altijd vrijgemaakt
Laten wij leven tot Zijn eer
Halleluja onze zonden gedenkt Hij niet meer
Als wij bidden tot Hem, met diep berouw
Hoort Hij ook de stem van jou.
Elsa Sonke
14 maart 2011
|
|
Jezus zo zuiver en rein
Jezus zo zuiver en rein
U bent onze Vader
Laat ons eeuwig de uwe zijn
Trek ons tot U nader
Leer ons Heer Uw weg te bewandelen
Trouw o Heer aan U alleen
In ons werk en heilig handelen
Heer maak ons voor altijd één
Vaak doen wij niet naar Uw wil
Maar Heer wees Gij onze Herder
Vader maak ons rein en stil
Gaat Gij maar met ons verder
Elsa Sonke
14 maart 2011
|
|
De tijd
Onzichtbaar zonder doel
het is een troosteloos verdrijf
in zijn eeuwige bestaan
genadeloos en weergaloos
als telraam voor de mens gemaakt.
Het tijdsbeeld wordt bepaald
door gewetenlozen en oprechten van gemoed
zij passeren het tijdsbeeld van ons bestaan
een flits van de schaduw Gods
als reflexie voor de mens gemaakt
Anton van der Haar
13 maart 2011
|
|
Pasen
Jezus de Heer is verrezen
Wat hebben wij nog te vrezen
De weg is open naar 't hemels paradijs
En mogen wonen in Vaders paleis
Ook wij gaan met Jezus verrijzen
Wij zullen met de engelen Hem prijzen
Verdwenen zijn al onze zorgen
Op die heerlijke zalige morgen
Eens zullen wij naar boven gaan
Mogen dan aan Jezus zijde staan
O Here Jezus vol van gena
Dank voor Uw leven op golgotha
Halleluja, lof en eer voor onze Heer
Laten wij knielen voor Hem neer.
Elsa Sonke
13 maart 2011
|
|
Wees ons nabij
O eeuwig GOD U loven wij
Here wees ons steeds nabij
Wanneer wij zwak zijn met de jaren
Wilt GIJ ons dan steeds bewaren
Wij vragen steeds"kom spoedig
Heer"
Verlangen naar U steeds meer en meer
U bent onze liefde en leven
Wil ons steeds de overwinning geven
Als wij zwak zijn wil ons sterken Om te volbrengen Uwe werken
Elsa Sonke
13 maart 2011
|
|
Voorlopig slot
(Openbaring 2 : 17)
Dit is nog niet de laatste steen,
mijn weg is niet ten einde.
God voert mij door het lijden heen,
naar 't doel van al het zijnde.
Mijn vragen waren vele, HEER,
mijn wegen dor en duister.
Mijn zwijgen vaak niet tot Uw eer,
mijn spreken zonder luister.
Toch hebt U, HEER, aan mij bekend:
"Je bent in Mij geborgen."
Ja, U hebt mij altijd gekend,
en U blijft voor mij zorgen.
Straks aan het einde van de poort,
zult U mij komen wekken.
Een nieuwe naam in steen geboord,
zal al mijn schaamte dekken.
Jan Hendrik Bosman
12 maart 2011
|
|
Mijmering
In mijmerende rust
Heb ik je zacht gekust
De haren van je hoofd gestreken
Je lachend in de ogen gekeken
'n Zwijgend veel zeggende taal
Ging met ons hart aan de haal
Liefde zal er altijd wezen
Zolang ik in je ogen kan lezen
Ik hou van jou.
L. van
Doorn-Feenstra
11 maart 2011
|
|
Kind
Een eenzaamheid van ongelijke strekking
geeft na verloop van jaren matte glans
het verderf van deze wereld geeft
een hartstochtelijk verlangen naar vroeger
van zorgeloosheid die eigenlijk nooit bestond
waarvan amper in de verte iets verborgen lag
opzij geschoven door de fragiele kinderziel
Ik zie de Herder met het lammetje op zijn schouder
om het kind te hoeden voor bange eenzaamheid
te jong nog voor deze wrede wereld doch
nooit geweten dat kinderlijk gedachtegoed
zo een een relativerend vermogen in zich heeft
het geluk dat weet te verdringen de dingen
die hun innerlijk niet mogen bederven
Anton van der Haar
4 maart 2011
|
|

Jij
Als 'n wind vlaag
zo ging de tijd
Jong als op vleugels
vloog je weg
voortgedreven
door 'n wervelwind
geroepen door het leven
voelde jij je gaan
als met vleugels
begaf jij je op de wegen
trok aan de teugels
van het leven
L. van
Doorn-Feenstra
2 maart 2011
|
|

Hoog op het paard gezeten
Hoog op haar paard gezeten
het ranke lichaam zacht,
welvend gebogen
als bevond zij zich
op deinende golven
Het hemelse zonnestelsel
bespeelde haar met vreugde
kuste haar gouden haren
die haar lieve gezicht omzoomde
De paarden hoeven geluidloos
onder de vluchtende benen
raakte nauwelijks de grond
de vrijheid der natuur
leek hen beide te dragen
L. van
Doorn-Feenstra
2 maart 2011
|
|
Langs stille wateren
De stilte brengt mij tot de Heer,
die zacht mijn hart bespeelt.
Die mij laat weten keer op keer,
ik heb het brood met jou gedeeld.
En zacht beroert Hij ook mijn geest,
fluistert, vertrouw op mij.
Ik ben er steeds voor jou geweest,
zet al je wanhoop eens opzij.
Terwijl de beken ruisend klateren,
breng ik jouw ziel geheel tot rust.
en ga met jou langs stille wateren,
geef jouw mijn zegen heel bewust.
Al moet je soms door diepe dalen,
ben Ik er soms heel even niet.
Roep Mij dan aan zonder te dralen,
Ik ben jouw rots van puur graniet.
Ik ken jou al voordat je was geboren,
en geef jou water uit mijn gouden bron,
Ik heb jou éénmaal uitverkoren,
en laat niet varen wat Ik ééns begon.
Anton van der Haar
28 februari 2011
|