|
|
|
Klik op de figuren om ze te vergroten Albert Mol werd geboren op 3 januari
1917. Zijn moede was niet gehuwd en daarom werd hij geboren in het "Huis
voor gevallen vrouwen" in Amsterdam. Daar bleef hij samen met zijn moeder
nog ongeveer een jaar. Daarna gingen ze wonen bij een vriendin van zijn moeder.
Later ging hij naar de kostschool Sint Louis in Amersfoort, waar hij een Rooms
katholieke opvoeding kreeg. Na de kostschool keerde hij weer terug
naar Amsterdam. Hij volgde er een dansopleiding en was regelmatig te vinden in
homo cafés. Hij zakte wel voor zijn toelatingsexamen voor de toneelschool. Hij
heeft in Amsterdam ook nog een tijdje bij Paul Huf gewoond. Toen hij twintig was (1937) vertrok hij
naar Parijs. Tot 1939 volgde hij er een balletopleiding bij
Olga
Preobrajenskaya (voormalig Ballet Russes van Diaghilev). In die tijd kwam ook
Wim Sonneveld, die hij al kende van de homo scène in Amsterdam, samen met zijn
toenmalige vriend, naar Parijs. Met zijn drieën woonden ze op een kamer in een
goedkoop hotelletje in Montparnasse. In Parijs ontmoette Albert in 1937 zijn
eerste geliefde. Dat was fotograaf Waan Nijhoff, zoon van de bekende schrijvers
Martinus en Netty Nijhof. In 1939, op de dag van de
oorlogsverklaring van Engeland en Frankrijk aan Duitsland, verlieten Albert en
zijn vriend Wim Parijs om terug te keren naar Nederland. In 1943 deed mee aan de revue van Fietje
Giesen in Carré. Bij de audities ontmoette hij daar Lucy Bor. Hij werd verliefd
op haar en het kwam werkelijk tot een relatie. Ze waren veel samen op reis met
het Zweedse ballet waarin ze beiden dansten. In 1948 trouwde hij met haar omdat
Lucy zwanger bleek te zijn. In januari werd hun dochter Kika in Den Haag
geboren. Door de geaardheid van Albert hield de relatie echter geen stand. Wel
zijn ze altijd bevriend gebleven. Omdat hij in de oorlog gewoon
doorgewerkt had werd hij na de oorlog gestraft door de cultuurkamer. Hij mocht
een jaar lang niet dansen. Wim Sonneveld, die toen een eigen cabaret had, hielp
hem echter en liet hem regelmatig bij hem optreden. Albert was een actief en veelzijdig
baasje. In 1948 werkte hij bij de Boumeesterrevue. Begin vijftiger jaren danste
zo'n tweeëneenhalf jaar bij het Zweeds danstheater. In 1956 werkte hij in het
Hollywood Turnabout theater in de Verenigde Staten. In 1957 had hij een rol had
in de Shakespeare uitvoering "Veel leven om niets". Hij danste in
"De drie musketiers" in Praag en hij werd benaderd om een choreografie
te doen in Wenen en tevens om een harlekijn te spelen in een Commedia dell'Arte
in Venetië. Uiteindelijk kwam hij terecht in het Scala in Milaan in het Ballet
Russe waar hij werkte met choreograaf Yura Shabelevsky. In 1958 speelde hij zijn bekende rol als
dirigent in de film "Fanfare" van Bert Haanstra. Verder speelde hij
mee in de film "Het wonderlijke leven van Willem Parel" van Wim
Sonneveld. In 1960 deed hij nog mee in de film "De zaak M.P.", ook van
Haanstra. In 1962 begon ging Albert werken bij
cabaret Tingel Tangel van Sieto Hoving. In de zestiger jaren had hij ook een
gastrol in de televisieserie "Ja Zuster, Nee Zuster", geschreven door
Annie M.G. Schmidt. Daarin zong hij een duet met Dick Swidde, die de rol van
boze buurman speelde, "De jongens van de reisvereniging". Een liedje
dat weinig aan de verbeelding overliet en dat ging over homoseksualiteit. Mol was overigens de eerste artiest die
openlijk vertelde dat hij homo was. Dat was in de tijd dat hij de gastrol
speelde in "Ja zuster, nee zuster". Toen Koos Postema hem vroeg, of
hij zoals zoveel artiesten homo was, keek hij de cameraman aan en zei in de lens
tegen het grote publiek thuis: "Als u belooft om het niet verder te
vertellen: Ja!" In 1962 maakte hij het ballet Pinocchio
voor Scapino, waarbij Cor Lemaire de muziek verzorgde. Albert heeft ook een aantal boeken op
zijn naam: "Breek me de bek niet open (met Frans Mulder)", "Het
doek viel te vroeg", "Wat zien ik", "Haar van Boven",
"Blonde Greet", "Mengele broek en pintje billen" en
"Dag dag welterusten". In 1971 werd het boek "Wat sien ik" verfilmd. Hij speelde er ook zelf in mee en met de royalty's die hij voor de verfilming van zijn boek kreeg kocht hij een huis in Giethoorn, waar hij met zijn grote liefde Guerdon Bill, die hij een paar jaar daarvoor ontmoet had, ging wonen.
Bij het grote publiek werd hij in de
jaren zeventig bekend als panellid van het televisiespelletje "Wie van de
drie", dat werd gepresenteerd door Herman Emmink. Daarnaast trad hij ook op met zijn eigen
theatershow "De Albert Mol story". Weer later speelde hij in de film
"Lieve Jongens", naar het boek van Reve. Jaren lang werkte hij als dramatherapeut
in instellingen voor "stoute kinderen" (zoals hij dat zelf
verwoordde), verslaafden met wie hij een toneelvoorstelling in elkaar draaide. Ook werkte hij nog mee met cabaretgroep
Purper, waar hij een fraai balletnummer choreografeerde, de heren wel praktisch
gezeten op een hoge barkruk. In 1987 werd Albert Mol benoemd tot ridder in de Orde van Oranje Nassau.
In 1996 speelde hij nog een oude vrouw
in "Fout in '45", een docu-drama van Arjan Ederveen. Voor deze rol
kreeg Mol, die door Ederveen werkelijk overgehaald moest worden, omdat Mol bang
was om te falen, eindelijk veel waardering als acteur. Een waardering die voor
Mol rijkelijk laat kwam.
In 1998 trouwde Albert te Zutphen met
Guerdon Bill, (Geurt voor vrienden), met wie hij toen al dertig jaar samen was. In augustus 2003 kwam de documentaire
"Malle Appie" op televisie, waarin Albert Mol een jaar gevolgd werd.
Hierin kwam zijn integriteit en humor uitstekend naar voren, al bleef het jammer
dat zijn meer serieuze kant zwaar onderbelicht bleef en hij soms werd
afgeschilderd "als een clown in zijn nadagen", aldus Jeroen Krabbé. Ruim een week later, op 17 augustus
2003, overleed zijn echtgenoot Guerdon Bill op 67-jarige leeftijd. Jeroen Krabbé en Paul Haenen bezochten
Albert elke week om hem uit zijn depressie te houden. De gesprekken waren zo
intiem en gaven zo'n mooi tijdsbeeld, dat Krabbé op het idee kwam om de
gesprekken op te nemen. Haenen besloot om ze zelfs te filmen. Zijn hele leven
kwam ter sprake, zelfs zijn eerste seksuele ervaring met de melkboer. Zij waren
ook de zondag voor zijn dood nog bij Mol op bezoek. Midden in het gesprek zei
Mol, dat al zijn spullen weg moesten. Hij was er klaar mee. Op 9 maart 2004 overleed Albert Mol in
zijn woonplaats Laren te Gelderland. Het nieuws werd namens de familieleden
bekend gemaakt door Henk Krol, de hoofdredacteur van de Gay krant, waar Mol een
column voor schreef. Zelfs op hoge leeftijd bleef hij actief voor de emancipatie
van de homoseksuelen. Met dank aan Mark de Vries voor een deel van de tekst en de plaatjes (http://vriesdemark.schrijft.nl/mol.htm) Terug naar Nostalgie Terug naar SeniorPlaza (klik op figuren om ze te vergroten) Klaas Willem Ruis werd op 23
maart 1945 geboren in Haarlem. Na zijn middelbare school (Mulo) wilde hij naar
de toneelschool in Amsterdam. Daar werd hij echter niet toegelaten. Daarom ging
hij werken op een passagiersschip van de Holland Amerika Lijn als entertainer.
Na een jaar probeerde hij weer toelating te krijgen tot de toneelschool en weer
werd hij geweigerd. Daarom vervulde hij eerst maar zijn dienstplicht en trad
daarna als steward in dienst van de KLM. Op locaties die hij met de vluchten van
de KLM aandeed maakte hij met een bandrecordertje opnames. Bijvoorbeeld een
radioreportage over een Mariaverschijning in een Koptische kerk in Egypte. Zijn
opgewekte "Jaaaaa, ik zie haar komen", waarmee hij de legendarische
sportverslaggever Theo Koomen persifleerde, viel in de smaak bij de KRO radio en
die zond het dan ook uit. Door zich voor te doen als verslaggever van de
Nederlandse radio slaagde hij erin om interviews te hebben met onder andere Liza
Minelli en Danny Kaye. Deze interviews werden ook op de radio uitgezonden. In
1970 treedt Willem Ruis in dienst van de VARA radio (programma's: Dingen van de
dag en Tussen start en finish). Al snel maakte hij ook deel uit van het team dat
op zondagmiddag het sportprogramma "langs de lijn" presenteerde. Samen
met Koos Postema maakte hij er op zondagmiddag een vrolijke boel van. De ene
grap na de andere had hij en daardoor werd hij mateloos populair bij het
publiek. Niet dat de sport bijzaak was, maar je zette er de radio voor aan. In
1971 presenteerde hij het tussendoor het radioprogramma "Alleen op
een eiland". In dat programma had hij contact met Jan Wolkers en Godfried
Bomans. Die verbleven elk in hun eentje een week op Rottermerplaat. Jan Wolkers,
als mens dat dichter bij de natuur stond, sloeg zich daar op een goede manier
doorheen. Godfried Bomans ging bijna aan de eenzaamheid ten onder. In 1976 verliet Ruis de VARA en
trad in dienst bij de KRO televisie als quizmaster. Hij presenteerde er de
"De Willem Ruis Show". Het was een eenvoudige spelprogramma met een
panel waarin o.a. Rita Corita, Alexander Pola, Joan Haanappel en Petra Laseur
zaten. Kandidaat kon je worden door het goede antwoord te geven op de
"zaalvraag". Het werd een gevleugeld begrip. Alle aanwezigen hoopten
aan het spel mee te mogen doen en er waren vele prijzen te vergeven, dus
menigeen nam zijn boodschappentas alvast mee. Je kon immers niet weten. Hij
verwierf al snel de bijnaam "kissmaster"omdat hij de kandidaten die
aan zijn spelletjes meededen veelvuldig kuste. Hij had een voor die tijd
bijzondere manier van presenteren. Het was tot dan toe gebruikelijk dat een
quizmaster achter een desk stond en daar vandaan de kandidaten de vragen stelde.
Willem Ruis stoof continu door het beeld. Dat leverde dus veel levendiger
televisie op. Willem Ruis wilde echter een grote show op
televisie hebben. In 1981 kreeg hij daar de kans voor bij de VARA televisie. Het
werd een veelbesproken transactie. De drie ton salaris die Willem Ruis aan de
VARA vroeg, leidde zelfs tot Kamervragen. Niet eerder werd een presentator zo
goed betaald. Het stellen van kamervragen lijkt wel gek maar is het niet als je
bedenkt dat de omroepen grotendeels gefinancierd werden met geld van de
overheid. Het eerste programma dat Ruis voor de VARA maakte, was de Lottoshow.
Ruis kreeg van producent de vrije hand om te dansen, te zingen en te acteren met
zijn gasten, variërend van André Hazes tot Gina Lollobridgida en Catharina
Valente. De meeste spelletjes verzon hij ook zelf. Na drie jaar was het wel over met de Lottoshow. Ook ander omroepen hadden dit type show ontdekt waarbij een show gebouwd werd rondom een kansspel. Een nieuwe, nog grotere, show moest er komen met nog grotere onderdelen. Dat werd de "Sterrenshow" die in 1984 startte. Dat was een live uitzending vanuit een grote tent met een podium en een tribune. Het was een show die in Las Vegas niet misstaan zou hebben. Dat waren spektakels die je tegenwoordig nooit meer ziet. Hele showorkesten werden geïmporteerd, musicals werden nagespeeld, sterren werden ingevlogen en dat alles werd begeleid door een grote horde balletdanseressen. Complete jazzorkesten, tangodansers, magiërs en circusacts, de Sterrenshow was spektakel. Per uitzending deden honderden mensen mee. Bij Willem Ruis moest alles perfect zijn, maar de shows waren daardoor logischerwijs peperduur. Maar Willem Ruis was het stralende middelpunt van deze spektakels. Hij introduceerde het beruchte spiraalspel waarbij je met een oog dat aan een stok zat over de spiraal mest gaan zonder deze te raken. Als je hem raakte moest je weer van voor af aan beginnen. En het einde van de spiraal moest binnen een bepaalde tijd gehaald worden. Zenuwslopend was dat voor zowel de kandidaat als de kijker. De gedrevenheid waarmee Willem Ruis zijn shows maakte, had hem in 1982 zijn huwelijk gekost toen zijn echtgenote hem onverwacht verliet. Datzelfde jaar overleed, al even onverwacht, zijn moeder. Willem Ruis, alleen opgevoed door zijn moeder, had een zeer intense band met zijn familie. Door deze gebeurtenissen werd Willem Ruis wat cynisch en dat kwam zijn shows niet ten goede. Het publiek raakte ook aan deze spetterende shows gewend en de kijkcijfers begonnen te dalen. De VARA kon de lasten van de show toch al nauwelijks meer dragen. Ze gingen er bijna financieel aan onderdoor en daarom besloot de VARA deze geldverslindende shows stop te zetten. Op 16 april 1986 werd de laatste Sterrenshow uitgezonden. De laatste aflevering gaf een overzicht van alle hoogtepunten van de twee seizoenen, ingeleid door de showmaster zelf die zijn ontluistering niet meer verhullen kon. Hij begreep niet waarom de kijkers hem in de steek lieten. "Mijn doek valt, met deze tent" zei Willem Ruis in zijn allerlaatste Sterrenshow. Hoe kon hij weten dat dit echt het geval zou zijn. Totaal onverwacht kwam op 4 augustus 1986 (hij was toen 41 jaar) een abrupt einde aan het leven van Nederlands grootste showmaster. Op vakantie in Denia in Spanje overleed hij aan een hartaanval. Met het overlijden van Willem Ruis kwam er een einde dit type televisie van grootse shows vol glitter en glamour. Kunt u zich de dromen uit de shows nog herinneren. Willem knipte met zijn vingers en Anita Meijer veranderde in Evita, Sonja Barend in Ceopatra of hij liet Marilyn Monroe van het witte doek stappen. Hoewel hij geen echte zanger was zong hij toch samen met onder andere Gina Lollobrigida en Dionne Warwick. Terug naar Nostalgie Terug naar SeniorPlaza Wim Sonneveld werd op 28 juni
1917 geboren in Utrecht. In 1932 begon hij te zingen bij de "Keep Smiling
Singers". Dat was een amateurgroep. In 1934 vormde hij een duo met Fons
Goossens. In 1934 ontmoette hij de recensent Huub Janssen, waarmee hij ging
samenwonen in Amsterdam. Dat was in een tijd dat homoseksualiteit nog
angstvallig verzwegen werd omdat de mensen het net zouden accepteren. Dat zou
dus slecht voor zijn carrière geweest zijn. Toen werd hij ook secretaris bij
Louis Davids. Dan mocht hij 's avonds kleine rolletjes spelen en wat chansons
ten gehore brengen. Daarnaast trad hij dan op met zijn eigen gezelschap dat
"Rarekiek" heette. Vanaf 1937 verbleef Sonneveld in Frankrijk waar hij
als zanger optrad in verschillende cabarets. In 1939 keerde hij terug naar
Nederland. Daar trad hij op in de revue van Loeki Bouwmeester. Zijn alom bekende creatie was
die van Willem Parel. Hij was het kind van een orgeldraaier en ook zijn opa was
orgeldraaier geweest. Hij was tevens voorzitter van de En-pé-gé (Nederlands
Parel Genootschap). Hiermee trad hij begin vijftiger jaren op voor de VARA
radio. Zijn conferences waren een loflied op de orgeldraaier. Het refrein van het bekende
liedje ver de orgelman luidde als volgt: Daar
is de orgelman, daar is de orgelman Met
z'n piere piere piere pierement Daar
is de orgelman, daar is de orgelman Met
z'n aria's en deuntjes die iedereen kent Ieder
z'n eigen lied, ieder z'n wens Vergeet
't centenbakkie niet want ook een orgelman Is
maar een mens, rel de rel del del del In 1947 ontmoette hij zijn
partner Friso Wiegersma. Van 1943 tot 1959 had hij ook nog zijn eigen
cabaretgroep "Cabaret Wim Sonneveld". Die ging echter in 1959 failliet. Vanaf
1960 trad hij p in de musical "My Fair Lady". Hij
trad daar op in de rol van Dr. Higgins. In 1962 ging hij one-man-shows
doen. Tevens trad hij daarbij op voor de televisie, onder andere in de tv-serie
"Ja zuster, nee zuster". Veel van zijn conferences en
liedjes zijn onvergetelijk, zoals: Aan de Amsterdamse grachten (heb ik heel mijn
hart voor altijd verpand), Zo heerlijk rustig (ja, ja), Moeder ik wil bij de
revue, Margootje (Margootje uit Madurdam), De koningin van Lombardije (ging in
der rijtuig rije), tearoom tango (Je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd en
wat me nu na al die jaren nog verwonderd, is dat ik dat nooit vergeten zal, al
word ik honderd, je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd) en natuurlijk niet te vergeten Het Dorp (Ernst van Altena) Thuis heb ik nog een ansichtkaart Waarop een kerk een kar met paard Een slagerij J. van der Ven Een kroeg, een juffrouw op de fiets Het zegt u hoogstwaarschijnlijk niets Maar het is waar ik geboren ben Dit dorp, ik weet nog hoe het was De boerenkind'ren in de klas Een kar die ratelt op de keien Het raadhuis met een pomp ervoor Een zandweg tussen koren door Het vee, de boerderijen Refrein: En langs het tuinpad van m'n vader Zag ik de hoge bomen staan Ik was een kind en wist niet beter Dan dat 't nooit voorbij zou gaan Wat leefden ze eenvoudig toen In simp'le huizen tussen groen Met boerenbloemen en een heg Maar blijkbaar leefden ze verkeerd Het dorp is gemoderniseerd En nou zijn ze op de goeie weg Want ziet, hoe rijk het leven is Ze zien de televisiequiz En wonen in betonnen dozen Met flink veel glas, dan kun je zien Hoe of het bankstel staat bij Mien En d'r dressoir met plastic rozen De dorpsjeugd klit wat bij elkaar In minirok en beatle-haar En joelt wat mee met beat-muziek Ik weet wel het is hun goeie recht De nieuwe tijd, net wat u zegt Maar het maakt me wat melancholiek Ik heb hun vaders nog gekend Ze kochten zoethout voor een cent Ik zag hun moeders touwtjespringen Dat dorp van toen, het is voorbij Dit is al wat er bleef voor mij Een ansicht en herinneringen En langs het tuinpad van m'n vader Zag ik de hoge bomen staan Ik was een kind, hoe kon ik weten Dat dat voorgoed voorbij zou gaan Kent u zijn creaties nog van Nikkelen Nelis de stratzanger (Ze kon het lonken niet laten, ze lonkte naar iedere man) en natuurlijk Frater Venantius (zeg maar ja tegen het leven, ja tegen het leven anders zeg er het leven nog nee). En dan de legendarische conferences van onder andere de man die kroketten verkocht in een zaal waar Wim Sonneveld optrad en die hem verzocht (meneer Sonnefelt mag ik effe fan uw tijd rofe) om vooral geen enge dingen te laten zien omdat er daarvoor een lezing met lichtbeelden van een dokter (eigensinnig tiep) was die over enge ziektes sprak (weer een sweer op het doek) Op 8 maart 1974 stierf Wim Sonneveld in het VU ziekenhuis in Amsterdam aan een hartaanval. Haal
het doek maar op, doe het licht maar an
Luister en kijk naar Wim Sonneveld Met dank aan Mark de Vries voor een deel van de tekst en de plaatjes (http://vriesdemark.schrijft.nl/sonneveld.htm) Terug naar Nostalgie Terug naar SeniorPlaza Herinnert u zich nog het legendarische duo Snip & Snap.
De radioluisteraars bleven er voor thuis. Willy
Walden werd geboren op 30 maart 1905 als Herman Kaldewaay (niet echt een
artiestennaam dus). Hij woonde in de Amsterdamse Pijp. Hij begon zijn loopbaan
als correspondent op een handelskantoor. Dat beviel hem niet erg en in 1927
stapte hij daarom over naar de revue. Daar ontmoette hij zijn leermeesters Louis
Davids en Johan Busio en zijn latere partner Piet Muyselaar
liek was wildenthousiast. Oh ja, voor de duidelijkheid, Willy
Walden was Snip en Piet Muyselaar was Snap. Willy was, met zijn zeer
karakteristieke stem en zijn mimiek degene die de grappen maakte en Piet
Muyselaar was meer de aangever.
Want
Snip snapt niet wat Snap snapt. En
Snap snapt niet wat Snip snapt. Als
Snip snapt Snap en Snap snapt Snip, verdwijnt
het Snip en Snap begrip. Maar
Snip snapt niet wat Snap snapt en
Snap snapt niet wat Snip snapt. Als
Snap snapt Snip en Snip snapt Snap, doen
Snip en Snap geen klap. Als Snip & Snap traden ze ook op in de theaters. Zo'n 40
jaar lang trokken ze volle zalen met de Snip & Snap-revue. Hun herkenningsmelodie was:
Die
wij presenteren u Ja
dat is Revue, Revue Die
wij brengen hiervoor u. Leuke
liedjes melodietjes en een gulle lach. Ja
dat is Revue, Revue Die
wij brengen hier voor u Ze traden door het hele land op in theaters. Meer dan 20 jaar was de Sleeswijk revue waarin zij de sterren ware de grote publiekstrekker van Carre. Kent
u het raadsel nog van Willy Walden: "Het is niet mijn broer maar toch is
het de zoon van mijn vader. Ra, ra, raaa … wie is dat". Toen eind jaren 70 het succes van de revue afnam stopten ze ermee en werd Walden radiomaker. Samen met zijn vrouw Ase Rasmussen deed hij het programma 'Raad een lied of niet'.
Luister en kijk naar Snip & Snap
Nippeltje, boutje en transistortje deel 1
Nippeltje, boutje en transistortje deel 2
Terug naar Nostalgie Terug naar SeniorPlaza
Hij noemde zichzelf Hullekie
Dullekie of Harrie de harige aap. In de zestiger jaren presenteerde hij samen
met Henk van Dorp het KRO radioprogramma "Klik en Adem 66". In 1969
presenteerde hij voor Radio Veronica het programma "Sportief zijn, beter
worden". Voor Veronica presenteerde hij ook het programma "Help, er
zit een olifant in de tram". Hij was ook één van de presentatoren van
Sport in Beeld, de voorloper van Studio Sport. In de tweede helft van de
zestiger jaren vestigt hij zijn naam bij het grote publiek omdat hij, vaak samen
met Chriet Titulaer, verslag deed van de Apollo ruimtevluchten op de televisie.
Hierdoor kreeg hij de bijnaam Apollo Henkie. De programma's hadden een bijna
honderd procent kijkdichtheid want de bemande Apollovluchten waren mateloos
populair. Bij een lancering zat half Nederland aan de buis gekluisterd.
Natuurlijk had niemand er in die tijd veel verstand van. We dachten toen nog dat
er wel een halve meter stof op de maan zou liggen. Hoogtepunt was wel de landing
van de Apollo 11 op de maan. Op 21 juli 1969, 03.56 uur Nederlandse tijd, zette
Neil Armstrong voet op de maan. Hij sprak de legendarische worden: "That's
one small step for man, one giant leap for mankind" ("Dit is maar een
kleine stap voor een man, maar het is een reusachtige sprong voor de
mensheid"). Door deze landing kwam pas aan het licht dat er helemaal geen
dikke stoflaag op de maan ligt. Met angst en beven volgden we de Apollo 13 die
bijna verongelukte. Na Apollo 17 stopte NASA met dit type vluchten Hoewel hij daar slechts
incidenteel aan meewerkte was Henk Terlingen een aanhanger van radio Veronica.
Door een zware storm sloeg de Norderney, het zendschip waar de Veronica
programma's vandaan kwamen, op 2 april 1973 van haar ankers. Om half elf
diezelfde avond strandde de Norderney voor de kust van Scheveningen. Op 4 april
werd het geplande Hilversum III programma van Henk Terlingen, de Paul Meyer
Show, dat Henk vanaf de gestrande Norderney wilde uitzenden door de NOS leiding
vlak voor de uitzending verboden.
Terug naar Nostalgie Terug naar SeniorPlaza
|
|